Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aanmatiging van den paus. William Cecil. Huwelijksvoorstel.

eene vervolging van de katholieken dacht, en vrij was van alle wraakzuchtige gevoelens; zij liet de katholieke leden van den geheimen raad hunne ambten behouden en ontving de bisschoppen met blijken van voorkomendheid en achting. Alleen ten aanzien van den aartsbisschop Bonner, die zich doorzijn bloeddorst en zijne vervolgingszucht den algeineenen haat op den hals gehaald had. maakte zij eene uitzondering. Door strenge verbodsbepalingen beteugelde zij den ijver van enkele protestantsche beeldstormers, en hierdoor boezemde zij den katholieken vertrouwen in. Doch aan den anderen kant toonde zij ook. door hen, die onder Maria's regeering om hun geloof in hechtenis waren genomen, terstond in vrijheid te stellen, dal zij volstrekt niet van plan was de vervolging van de ketters voort te zetten.

Omtrent Elisabeths ware denkbeelden en beginselen op godsdienstig gebied zijn hare lijdgenooten nooit geheel zeker geweest. Men kan daartoe slechts in het algemeen uil haar karakter en hare daden besluiten. Waarschijnlijk helde zij in haar hart lot het katholicisme over. Het protestantisme moest in den vorm, waarin zij daarmede in aanraking kwam, weinig aanlokkelijks voor haar hebben. De gevluchte Engelsche protestanten. die uit Zwitserland en Duitschland terugkeerden, behoorden lot de school van Calvijn, welke met hare godsdienstige belijdenis eene democratisch-republikeinsche richting op staatkundig gebied vereenigde. Hetzelfde was bet geval met de Schotsche protestanten en vooral met den geloofsheld Knox, op wien wij spoedig zullen terugkomen. Zulke vrijzinnige denkbeelden «op godsdienstig en staatkundig gebied waren in strijd met de beginselen der streng monarchale koningin, die buitendien ook ze*>r ingenomen was met de schitterende plechtigheden van den katholieken eeredienst.

Het zou wellicht den paus niet moeilijk gevallen zijn, door eenige toegevendheid en voorkomendheid van zijne zijde Elisabeth geheel voor bet katholicisme te winnen. Tot geluk voor de ontwikkeling der vrije godsdienstige richting in Engeland versmaadde paus Paulus IV de raadgevingen der wereldwijsheid. Toen de Engelsche gezant hem zeer hollelijk bet bericht van Elisabeths troonsbeklimming overbracht, verklaarde hij, dal zij geene wettige dochter van Hendrik VIII was en dat Maria Sluart dus de wettige erfgename der kroon was, doch dat hij bereid was als scheidsrechter de aanspraken der beide vorstinnen te beslissen en daarbij de grootste billijkheid in acht te nemen.

Door deze aanmatigende uitspraak van den paus werd Elisabeth der hervorming in de armen gedreven. Haar vertrouwde minister, Sir William Cecil — later lord Burleigh — een ijverig aanhanger der hervorming, had thans gemakkelijk spel. Het kostte hem weinig moeite, haar te overtuigen, dat zij zich aan het hoofd der hervormingsbeweging plaatsen moest, dewijl zij alleen daardoor hare rechten op den troon kon beveiligen, dat zij van de katholieken, die door de pauselijke uitspraak voor Maria Sluart gewonnen waren, niets te wachten had en alleen op de protestanten moest steunen.

Nog één uitweg bleef er voor Elisabeth over, wanneer zij aan het katholicisme trouw wilde blijven. Koning Philips II bood haar onmiddellijk na Maria's dood zijne hand en daarmede hel zekere uitzicht op de erkenning van hare rechten door den paus aan. Tevens sloeg hij haar een bondgenootschap in den nog altijd voortdurenden oorlog tegen Frankrijk voor.

Doch Philips II was bij het Engelsche volk doodelijk gehaat en naar zijn geheele karakter zeker geen echlgenoot, aan wiens zijde Elisabeth hopen kon eenig levensgeluk te zullen vinden. Zij gal een hoffelijk ontwijkend antwoord. Hierdoor had zij zich bijna de mogelijkheid afgesneden om de katholieke richting van bare voorgangster te volgen. De weg, door Sir William Cecil haar aangewezen, was de eenige dien zij veilig bewandelen kon. Met kalme beradenheid ging zij daarop van nu af ook voort.

Den 25e" Januari 1359 kwam het nieuwe parlement bijeen. Het bekrachtigde plechtig Elisabeths recht op de erfopvolging en ging daarna terstond lot de

Sluiten