Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Don Carlos' jeugd en karakter.

gevangengenomen, \oor Je rechtbank der inquisitie gesteld, als ketter veroordeeld en in den kerker op bevel zijns vaders vermoord. Ook Isabella onderging eenige maanden later een dergelijk lot: een vergiftigde drank maakte een eind aan haar leven.

Yan geheel deze dichterlijke legende, welke door vele geschiedschrijvers, die yan de geschiedenis een boeienden roman plegen te maken, is naverteld, is niets geschiedkundig bewezen dan dit ééne, dat tussclien vader en zoon een innige afkeer heeft bestaan, dat don Carlos op Philips' bevel gevangengenomen is en dat hij in de gevangenis is gestorven.

Het is inderdaad een merkwaardig verschijnsel, dal juist don Carlos de held der dichters geworden is, want geen prins vertoonde wat geheel zijn karakter ei) zelfs wat zijne lichamelijke gestalte betreft minder hot beeld van zulk een dichterlijken held dan juist hij.

Zijn uiterlijk was zeer terugstootend; bij was klein, mager, bleek, had een misvormden schouder en een te kort been; nog minder aantrekkelijk was zijn karakter, dal door eene slechte opvoeding in de treurigste richtin,r ontwikkeld was.

Johanna, de zuster zijns vaders, die gedurende Philips' verblijf in de Nederlanden s prinsen opvoeding bestuurde, was niet in staal den hartslochtelijken, eigenzinnigen knaap te beteugelen en zijne leermeesters konden het evenmin. Eigenzinnigheid en hartstochtelijkheid werden ten onrechte beschouwd als bewijzen van groote geestkracht en van een verheven karakter, die de schoonste verwachtingen mochten doen opvatten. Van dit laatste gevoelen was keizer Karei V, zijn grootvader, die zijn kleinzoon zeer liefhad. Hij vleide zich, dat deze niet alleen de erfgenaam van zijn naam. maar ook van zijne krijgskundige talenten zijn zou en hij leidde dit af uit het vermaak, waarmee de knaap naar de verhalen van krijgshaftige daden luisterde.

Toen de keizer zijn kleinzoon eens eene schels van zijne lotgevallen gaf en daarbij ook van zijne vlucht uit Innshruck gewaagde, riep don Carlos verontwaardigd uit, dat bij nooit gevlucht zou zijn. en hij bleef hij dat gevoelen, in weerwil yan alle bewijsgronden, waarmee de keizer zijne vlucht poogde te rechtvaardigen. Juist op grond van deze halsstarrigheid kende de door liefde verblinde grootvader zijn kleinzoon een stoutmoedig en verheven karakter toe, en hij beminde hem te meer, dewijl Carlos eene hartstochtelijke ingenomenheid met krijgszaken aan den dag legde.

Evenals de grootvader meenden ook de hovelingen, dat de woeste knaap voor iets groots bestemd was. Doch weldra bleek, dal hij alleen eerzuchtig, driftig en wreed was en dat hij bijna tot krankzinnigheid toe aan zijne vreemde invallen bot vierde, zonder toch eigenlijk een uitstekenden aanleg te bezitten.

De jacht was zijne meest geliefde uitspanning; met een bijzonder groot genoegen doodde hij dieren en verlustigde hij zich in hun doodstrijd. Reeds vroegtijdig gaf bij zich aan grove uitspattingen over; al het geld, dat bij bezat, verkwistte hij aan liederlijke vrouwspersonen, en wanneer zijne beurs ledig was, schonk hij haar kettingen, juweelen en andere kleinoodiën, ja zelfs de kleederen, welke hij droeg. Hij schepte er een onbeschoft vermaak in, fatsoenlijke dames te beleedigen; bij deed dit op de openbare straat, door onfatsoenlijke woorden en nog onfatsoenlijker gebaren. Zelfs de aanzienlijkste dames aan het hof waren voor zijne onbeschoftheden niet veilig.

Toen hij zich aan de hoogeschool te Aloala bevond, bad hij, juist terwijl hij op het punt stond eene vrouw te beleedigen, bet ongeluk van eene steenen trap te vallen. Hij ontving eene diepe wond aan het hoofd; langen lijd moest hij hel bed houden. Na zijne genezing was hij nog woester, wreeder en doller dan te voren. Al zijne handelingen droegen den stempel van krankzinnigheid en alleen hierin konden zij ook hare verontschuldiging vinden. Eenige staaltjes uit zijn leven, voor wier juistheid onweerlegbare gronden voorhanden zijn, mogen bewijzen boe weinig deze door de dichters met zulke poëtische

Sluiten