Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zijne woestheid.

kleuren afgeschilderde vorst geschikt was om belangstelling en sympathie te verwerven.

Toen hij op zekeren dag een huis voorbijging, vielen uit een venster eenige droppels water op zijn hoofd. Terstond beval hij zijne lijfwacht, hel huis in brand te steken en al de bewoners neer te houwen. De soldaten aarzelden, het bevel op te volgen; alleen door de noodleugen, dal zich daarbinnen een priester bevond, die een stervende het laatste sacrament toediende, wisten zij den prins van zijn voornemen af te brengen.

Een der edellieden, die naast 's prinsen slaapvertrek sliep, werd eens niet oogenblikkelijk wakker, toen de vorst belde; don Carlos greep hem bij de keel en wilde hem uit hel venster werpen.

Hij had zijn kamerheer, don Pedro Manuel, bevolen, voor hem een paar laarzen te bestellen; toen deze gebracht werden, bleken zij te nauw te zijn. Nadat de prins vruchteloos beproefd had, ze aan te trekken, mishandelde hij den kamerheer; vervolgens beval hij de laarzen aan stukken te snijden en daarvan een ragout te maken. De schoenmaker werd gehaald en met den dood bedreigd, wanneer bij niet terstond de hem voorgezette zonderlinge spijs opat; hij deed het ook, uit vrees voor zijn leven.

Kardinaal Spinosa, de grootinquisiteur en de trouwe aanhanger van Philips II, had eens een tooneelspeler, die voor don Carlos eenige proeven van zijn talent geven zou, daarvan teruggehouden. Tot straf hiervoor greep de prins den prelaat, toen deze de eerste maal weder in zijne tegenwoordigheid verscheen, bij de keel; hij wierp hem op den grond en was juist op het punt den om genade smeekenden geestelijke te doorboren, toen de koning het vertrek binnentrad.

Ook de machtige hertog van Alva was voor des prinsen woede niet veilig. Toen de hertog vóór zijn vertrek naar de Nederlanden den prins een afscheidsbezoek bracht, verklaarde don Carlos, die zelf in Alva's plaats het opperbevel in de Nederlanden had willen voeren, dat hij deze reis niet toestaan zou en dat Alva hein niet levend zou verlaten. Hij trok zijn dolk en wierp zich op den hertog; deze kon zich slechts verdedigen door den prins stevig le omklemmen en hein zoo te beletten, den dolk te gebruiken. Eene wanhopige worsteling volgde. Don Carlos beet en sloeg als een wild dier om zich heen; de lierlog trachtte zijn leven le verdedigen, zonder dat van zijn tegenstander in gevaar le brengen. Eerst toen de hovelingen, die op liet gerucht waren toegeschoten, zich op de strijders wierpen en den prins vasthielden, gelukte het Alva, zich te verwijderen.

Don Carlos was, gelijk onze lezers uit het bovenstaande zien, volstrekt niet dat toonbeeld van een talentvol en beminlijk vorst, dat de dichters van hem maken; en wanneer enkele geschiedschrijvers, om hem te idealiseeren, zicii beroepen op het getuigenis van Melanchthon, die hem in zijne voorlezingen hoogelijk roemde, dan vergelen zij, dat men zich op deze uitspraak volstrekl niet verlaten kan, daar Melanchthon den prins alleen uit het getuigenis van anderen kende.

Dat een kroonprins bij een volk groole verwachtingen opwekt, is een zeer gewoon en overoud verschijnsel. Men is des te eerder geneigd zijne fouten over het hoofd te zien, en hem met een gunstig oog te beschouwen, wanneer bij in eene vijandige verhouding tot zijn vader staal en deze vader een gehaat dwingeland is.

Reeds de grondslag van het gelieele romantisch verhaal, dal namelijk don Carlos de schoone, voor hem bestemde Isabella beminde, en zijn vader liaatle omdat deze de hem toegedachte prinses zelf tol vrouw had genomen, rust op zeer zwakke gronden. Don Carlos was nog een knaap, die zijne bruid volstrekt niet kende' en voor haar zeker geene bijzondere liefde gevoelen kon, loen zijn vader Isabella lot zijne eigen gade maakte. Bij dergelijke staalkundige huwelijken speelt het hart een veel le weinig beteekeuende rol dan

Sluiten