is toegevoegd aan uw favorieten.

Tot het uiterste

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De kraakzindelijke huiskamer der Ghijvens lag koel tegen den warmen zonlichten Junidag. Oom Koos en moeder Ghijven zaten aan de koffietafel. Nog zwatelden de lachende stemmen der jongens door de kamer. Frans, Jan en neef Frangois trokken de deur uit om de sjees in te spannen. Alléén Toon bleef. Korzelig en nijdig met den rug naar de twee, keek hij onverschillig het erf over, leunde met de kin op den stoelrug, kromde z'n voeten over de sporten, trok z'n schoeren schokkend omhoog en kneep de vereelte handen krakend te za&m : 't was dan ook wat, zoo'n gemier om 'n paar centen!

Koos Bergman leunde behaaglijk in den stoel, stak een sigaar aan en blies dan met bolle wangen rook uit in de koel schemerende kamer, zuchtte lang na, tuurde met de grijsblauwe oogen naar z'n zuster die in de plotse stilte nè het luidruchtig heengaan der jongens vreemd onbeholpen was verbleven, hulp zoekend bij