is toegevoegd aan uw favorieten.

Tot het uiterste

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Daar wordt nog geld in verdiend, meende Toon.

Ze zwegen nadenkend. Lustig draafde de ruin over den grintweg, die grijs verpulverd tusschen de vaal-groene bermen vlotte.

— Daar is Arjaan — maar inhouwen ? vroeg Toon.

'n Boereknecht, de verschoten boezeroen 'lijk een doek om den koper glanzenden nek geknoopt, stapte als met iederen pas roeden metend langzaam over den weg. Nog even wendde hij het magere kaal geschoren gezicht naar het aardappel-veld, toen keek ie zijn meester aan en alle fijne rimpeltjes tegen de ooghoeken krompen te za&m.

— Zou-de de piepers nog klaar hebben voor van avond ?

Slim ontwijkend antwoordde de knecht:

— 't Zou best kunne kannen, meester. Ge wit da' nooit zoo te zegge — 't is om en de bij zekers veertig roei.

— Nou, breng 'r maar 'n bietje schot in. De klaver moet ook nog gekeerd worden — afijn, zie maar da' ge 't stelt — g'n dag.

De ruin draafde weer voort. Peinzend keken de veekoopers over het ontwakende land, dat glinster-glom onder zilvergrijzen dauw. Het werk-