Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beheer der familiegoederen in de buurt van Roemkieuï afstond, de jonge familie in staat stelde 's winters met eenigen zwier in Smyrna te leven, terwijl de zomer werd doorgebracht in het hooger liggende, en dus koelere Roemkieuï.

De thans tachtig-jarige grootvader, graaf Jan, zooals hij zich bij voorkeur hoorde noemen, opgevoed door een Franschen gouverneur uit de school van Mme de Genlis, jongeling geworden in den bloeitijd der romantiek, had alle deugden en gebreken van een grand seigneur, behalve dat hij in zijn tijd een lief vers wist te maken. Toen zijn eenige zoon uit Zwitserland, waar hij opgevoed was, terugkwam, gaf hij hem gaarne de administratie van het familiebezit, nog altijd belangrijk, ofschoon het sterk had geleden in den Napoleontischen tijd, waarin de Hollandsche kolonie te Smyrna een onafhankelijkheid betoonde, welke haar afkomst van een stoer ras roemvol bewees. De oude lui leefden bij voorkeur in Roemkieuï, waar de familie Torgau twee-eeuwenoude overleveringen bezat. Graaf Antoine leidde met zijn jonge vrouw en zijne kinderen te Smyrna het leven van een wien de toekomst geen financieele wisselvalligheden kan bieden. Er werd gefuifd, gereden, gespeeld, gereisd; ook maakte de jonge edelman alleen soms een uitstapje naar Parijs, waarvan hij dan portretten met teedere of vriendelijke opdrachten meebracht van vrouwelijke beroemdheden uit de laatste jaren van het Keizerrijk: van prinses Mathilde tot Hortense

De Voorbijganger. I. 13

Sluiten