Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kanalen, die soms nog uitploffen in verdelgende vuurstroomingen; maar de aarde steeds met een harder en vaster korst van afkoeling omgeven; de Oceaan overal waar de samentrekking der aardvorming geen bergen geformeerd heeft, het vuur bestrijdende, straks teruggedreven door het vuur, dat laaglanden opheft en diepere dalen formeert. En in dien strijd, die het leven zelf is dezer aarde, de delfstoffen die ontstaan, de eerste gewassen die opbloeien, de gassen die ontsnappen herleid tot vaste stoffen; de langzaam groeiende overgang van delfstoffen naar organismen van hooger orde, dan het eerste gewas, en de langzaam groeiende overgang van planten naar het dierlijk leven, dat zich ontwikkelt tot eindelijk de Aardsche Adam verschijnt, hier, ginds, overal, tegelijkertijd zou men kunnen zeggen, omdat in deze oer-scheiding duizendtallen van jaren zijn als het moment, waarin ik „ja" of „neen" zeg.

O, deze eerste mensch! De geleerden mogen zoeken naar den ontbrekenden schakel, die het dierenrijk verbindt met den oermensch, mijn gevoel zegt, dat zij bestaat en dat is mij genoeg. Maar een vraag komt in mij op: heeft in het Oer in het planten- en dierenrijk steeds de afscheiding bestaan tusschen het mannelijke element en het vrouwelijke? Ik geloof het niet: deze tweevoudigheid strijdt tegen de eenheid van vorming, die ik overal waarneem. Het principe van planten, dieren, menschen, moet geweest zijn een dubbelwezen in een eenheid, zich-zelf liefhebbende, zich-zelf bevruchtende,

Sluiten