Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet in hem, hij die huiverde wanneer hij, bij ongeluk, een klein insect doodtrapte. Wederom verweet hij den baron hem dit gezegd te hebben. Zulke dingen zegt men niet; zelfs wanneer de chiromantie al wa&r was, dan moest men door de vrees zich te vergissen weerhouden worden zulke voorspellingen te uiten.

Zonder om den tijd te denken liep hij voort, de rivier langs, nu en dan een brug over, zonder opzien, tot hij aan de rue du Bac kwam. Hij dacht aan de kinderen Gérard: een paar weken waren sedert zijn bezoek voorbijgegaan, zou hij ze nu bezoeken ? Hij kon hun misschien nog aan een paar francs helpen. Een vreemd gevoel van dreiging, van bangheid hield hem terug. Hij moest daar nu niet heengaan, nu met die afschuwelijke voorspelling in zijn denken. Hij kon hun de paar francs wel sturen, maar hij moest die kinderen nu niet zien, die arme, ziekelijke stakkers in hun stinkend dakkamertje. Hij was de straat ingegaan, maar hij liep door, haastig, bevreesd toch dat huis binnen te gaan. Hij sloeg dadelijk een zijstraat in, en liep door, opnieuw voortgedreven door zijne gedachten: den Senaat voorbij, de arcaden van het Odéon door; hier bleef hij weer stilstaan voor de boekenuitstallingen, bladerende in de boeken zonder te lezen, tot zijn oog viel op een titel: les Mystères de la Main van Desbarolles. Een onweerstaanbare lust om dat boek te lezen, bemeesterde hem: hij vroeg den prijs, betaalde, en met het boek onder den arm, nu bijna vroolijk, gloeiend van verlangen

Sluiten