is toegevoegd aan uw favorieten.

De droomers

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

minder hemelsch goed. Het is dus in het belang van den hongerlijder-zelf, dat hij honger blijft lijden. Eenmaal deze denkbeelden door de beroofden, getroost, dat zij de gunstelingen Gods zijn, aanvaard, dreigt er voorloopig van dien kant voor de eigenaars geen gevaar meer.

Deze eigenaars-slimheid om de aandacht der beroofden af te leiden van het aardsche, is natuurlijk van dat volk, dat in zijne subtiliteiten onovertroffen is: het Joodsche. Niettemin begunstigt de Mozaïsche wetgeving niet de verwerving van groote rijkdommen. Wij hebben met haar rekening te houden, omdat zij meer invloed op de Westersche beschaving heeft geoefend, dan eenig andere. Wel is de Israëlietische godsdienst de eerste die de armen misleid door de bewering, dat zij de lievelingen Gods zijn, maar zij beperkt tevens het eigendomsrecht ten hunnen gunste: iedere hongerende heeft het recht in wijnberg en akker zooveel te plukken als noodig is om zijn honger te stillen, maar hij mag niets meedragen; bij den oogst moet wat aan de kanten gegroeid is of bij het binden ter aarde valt voor de armen bestemd blijven; om het zevende jaar wordt het Jubeljaar-Gods gevierd: de bodem krijgt rust, maar wat vanzelf groeit is voor de armen. Het bedriegen en het afzetten der armen wordt, nu het eerste groote bedrog gepleegd en geheiligd is, verboden op strenge Godstraffen. In de deutoronomische wetgeving worden de driejaarlijksche tienden voor de armen ingesteld;