is toegevoegd aan uw favorieten.

De droomers

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu hij het schandaal verergerde door zoo'n straatslet op te nemen, nu kreeg de heele rue Laviarck een stuip van zedelijkheidsverontwaardiging, en werd le père Vandamme op zijn weg uitgescholden.

Hij hoorde dat evenmin, of wanneer hij het hoorde, glimlachte hij. De wereld was nu eenmaal zoo: geen grooter zedelijkheids-aristocraten dan kleine burgerlui, die net genoeg verdienen om niet tot de proleten gerekend te kunnen worden. Hij onderhield de twee vrouwen, de een bleef uit de gevangenis en de ander van de straat weg: het sprak dus van zelf, gegeven de aard der wereldsche dingen, dat men hem naschold en van het schandaal sprak, dat hij zijn fatsoenlijken buren gaf. Maar dat schandaal was nog grooter geworden: hij kwam op een avond met een verwaarloosden straatjongen thuis, die niets anders wist, dan dat hij Franqois heette, en tot nu met kermisreizigers had meegezworven, die hem hadden achtergelaten omdat hij er zich tegen verzet had degens te leeren slikken. Frantjois kende lezen noch schrijven, kende niets dan kachelpoetsen en trompet blazen, en oók kon hij vloeken, vlóéken zooals père Vandamme zei het nooit gehoord te hebben, zelfs niet in N ieuw-Caledonië, en waarvoor vrouw Chantemesse dadelijk respect had. Maar Francais kon ook vervloeken, al die rijke verdommelingen, die in paleizen wonen, gebouwd van den gestolen arbeid van armelui. Hij was maar dertien, Fran^ois, maar hij had de verdorvenheid van tenminste tien jaren meer, en père Vandamme