Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik verzeker je, dat ik haar oud vond geworden! Wordt dan alles oud, worden zelfs de onsterfelijken oud ....! Ik herinner me haar van vroeger: kalm, sereen, impozant, sneeuwblank, trots haar mutilatie, tegen een eclatant donkerrood fond van fluweel.... Ik vind haar niet meer impozant, niet meer

sneeuwblank armoedig verminkt, en het

fluweelen fond was niet meer eclatant

Alles is dof en oud geworden, en ik ben geschrikt en heb me heel treurig gevoeld.... Ik geloof nü, nuchter-weg, dat ze, eenvoudig, haar eens moesten schoonmaken en het fluweelen gordijn vernieuwen, en dat ik dan, in een goede stemming en met een helderen dag, haar wel weêr sereen en sneeuwblank zou vinden.... Maar zoo als ze zich aan mij heeft voorgedaan, vind ik haar oud geworden, en ben ik er van geschrikt. Ik ben er een uur van ontdaan geweest, maar ik heb je niets laten merken. Trouwens, heel Parijs vind ik

zou oud geworden Zoo vuil, zoo oudei-

wetsch, zoo kleinsteedsch, een agglomeratie van quartiers en petites-villes op elka&r, en zoo precies het zelfde als vijftien jaar geleden; maar ouder, viezer en ouderwetscher. Kijk, die kip van papier-rnaché, hier — zij

Sluiten