is toegevoegd aan uw favorieten.

Warhold

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Janne van ter zijde aanziende, gaf hij zich rekenschap, waarom hij zich zoo nauw aan haar verbonden had. Was zij niet de eenige, die hem in liefde aanverwant, hem ook zuiverlijk helpen en met hem alle moeielijkheden doorreizen zou. Haar treurig voor zich ziende staren, begreep hij, dat ook haar de droefenis van het land belastte. En ze spraken niet, heel den weg over tot aan Staveren.

Thans was de luchtige trots in zijn stem bezweken en verzwaarde zich het gebaar zijner armen, die menigmaal in nisdonker van een hoek zijn moe hoofd ophielden of zich stil neerlegden, onderdanig aan zijn aandacht, om in zichzelve bijstand voor zijn hulpeloosheid te zoeken.

Hij wilde zich wenden tot Kostijn, maar vreesde diens goedig-ruwe wijze van hem aan den weg te zetten, hij wilde inlichtingen aan Zacharias vragen, maar deze was zonder nabericht uit Staveren verdwenen en Janne, met wie hij over den toestand sprak, trachtte hem van zijn zieken ernst te genezen.

Ijverig volgde zij Warhold en voegde zich bij hem in de duistere hoeken, waar ze zich dicht bij hem aansloot, hem omwebbend met streelingen, zijn droefheid bezoekend met liefelijk stemgeklank en meewarend zwijgen.

Angstig bespiedde zij de richting zijner blikken, peilde de diepte hunner klachten en berekende daarbij de kansen, Warhold te zullen verliezen.

De vrees joeg haar steeds voort van de eene