Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan ... O maar 't zal al breken nu, uit-bréken in liefde onbekend, deze tijd wfl uit zichzelf, hij wil zichzelven ontvluchten om zich weer naar hooger op te tillen, hij zal zichzelf zuiveren, verbranden in zijn verlangen, in zijn ontzaglijk overwinnend verlangen, om met één J ruk hooger te steigeren, tot het groote Leven, dat wij misschien nog zullen zien.

Een der machtigste beweegkrachten van 't menschdom is de bewuste of onbewuste zucht naar eenheid, wet van onzen geest en onze wereld. Door de geschiedenis ook gaat een rythmus, die telkens uit kritische tijdvakken, vol onrustig en wanordelijk gestreef van gesplitste zielen, hoogere synthesis doet wassen, organische tijdvakken, hechter gemaakt door een gemeenschappelijk geloof. Dat wij lang ontleed hebben, en over onszelf gebogen lagen, kijkend alleen naar onzen innerlijken spiegel en trouw verdedigend ons zelf, was een noodwendigheid, en de eenige grondslag waarop de gemeenschap kan gebouwd worden. De dichter moet zichzelven erkennen als afgezonderd wezen, eer hij tot de eenheid kan besluiten van wat hem omringt en deel uitmaakt van zijn leven; zooals het een land niet vroeger mogelijk is zich naar algemeen menschelijke kunst op te werken, dan wanneer het zichzelf saamgepakt heeft in de volle bewustheid van zijn eigen aard, en het volledig beeld van zijn ras kan vastzetten.

Ik heb er elders reeds op gewezen, hoe nazoeken van eenheid in kunst, wijsbegeerte, wetenschap, het kenmerk is geworden van onzen tijd. Wat wij, die ge-

Sluiten