is toegevoegd aan uw favorieten.

Aug. Vermeylen's verzamelde opstellen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eens toevalt, acht het daarom geen eer, door die pedante onmachtigen goedgekeurd te worden, en hecht niet de geringste beteekenis aan hun oordeel, — maar door de inzending zelf van zijn werk, erkent hij toch hun recht, dat werk zoo eerlijk als 't kan te be- of veroordeel en. Hadden zij Hegenscheidt's drama geheel verzwegen, hij kon zich niet gekrenkt voelen. Maar i0 zij ontfutselden hem op de gemeenste wijze den prijs die hem toekwam, en 2» zij gingen stellig hun recht te buiten, wanneer zij zich aanmatigden, een «letterkundige aanmoediging" voor hem aan te vragen. Zij worden betaald om over den uitslag van een staatsprijskamp te beslissen, — verder mogen zij zich op een afstandje van onzen persoon houden. Wat heeft Hegenscheidt het noodig, door dat akademisch rapalje «aangemoedigd te worden ? Aan geen minister erkent hij het recht, hem van staatswege een aalmoes uit te reiken, die hij nooit vroeg en die hij niet wenscht. Wat Hegenscheidt dan ook per omgaande aan den minister schreef, met verzoek die toelage te willen intrekken.

Trots zijnen brief hebben die dappere mannen toch hun «aanmoediging" in het Staatsblad gemeld, — maar omtrent de weigering geen woord.

Hun verslag willen wij niet verder bespreken '): de

i) Ik wil alleen de aandacht vestigen op tint kritiek, omdat ik die ook in verscheidene bladen en tijdschriften aantrof: nj„ dat de handeling van Starkadd in het 3e en 4e bedrijf geheel stil zou liggen. Dit berust op een volkomen misverstand van het stuk. In mijn vorige Kroniek schreef ik (en men mocht wel veronderstellen dat ik de opvatting van Hegenscheidt zelf weergaf) dat het onderwerp is: wat er omgaat in de ziel van Starkadd. Dus geenszins, zei ik, de moord van Froth, noch de strijd van