is toegevoegd aan uw favorieten.

De gedichten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Blz. 252.

Prijst den vader. — Op eene melodie van Mozart.

Blz. 253.

Winterlied. — Op eene melodie van J. A. Federer. Het eerste couplet is aan Hoffmann v. Fallersleben ontleend.

Blz. 261.

Aan Avitus. — "Niet gewetensvrijheid was de hoofdzaak, maar gewetensrust." — Groen van Prinsterer, Nederl. Gedachten van 27 Febr. 1874.

Blz. 262.

Persische legende. — Men vergelijke de bewerking van Gerok in zijne Palmblatter.

Blz. 283.

Een liedje van de spreeuwen. — "De vederen der jongen hebben een grauw-bruine hoofdkleur. In de ruiing in het eerste najaar treedt reeds de fraaije, zwarte, in het violet metaalgroene spelende hoofdkleur, die de ouden kenschetst, te voorschijn, maar zij wordt grootendeels bedekt door de breede geelbruine zoomen of vlekken der vederen ... Het zomerkleed ontstaat door het toenemen der metaalkleur en 't allengs verdwijnen