Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Valburg.

Dat is in alle gevalle flink van hem.

Caroline.

Altijd uit het oogpunt van staathuishoudkunde. Maar er komt iets anders bij: zijne vrouw is in deze zaak van een heel ander gevoelen dan hij. Zij is eene wees, en die oom is, zoover ik weet, haar eenige bloedverwant, en in weerwil van zijne zonderlinge ideeën houdt ze veel van hem, en hij wederkeerig van haar. 't Zou haar dus ontzaglijk grieven als de vriendschap verbroken werd, en daarenboven — zonder dat ze daarom gierig of hebzuchtig is — het is toch wel niet meer dan natuurlijk, dat het denkbeeld haar niet zoo bijzonder toelacht om die schoone financieele vooruitzichten voor haar en haar gezin zoo eensklaps in de rook te zien verdwijnen.

Valburg.

Maar als ze daardoor de verwezenlijking kan koopen van de politieke vooruitzichten van haar man, die voor hem, zoo als ik weet, een ideaal van zijn leven zijn?

Caroline.

Het spreekt van zelf, dat ze daar ook niet ongevoelig voor is. Maar is dat lidmaatschap van de Kamer dan de eenige weg, waarop hij het ideaal kan bereiken? — En zelfs als ze nog maar wist, dat hij er dan nog zijn leven aan kon wijden. Maar — zulk een benoeming is immers niet voor 't leven?

Valburg.

Volstrekt niet — op zijn hoogst voor vier jaar. En hij komt zelfs in de plaats van een overleden lid, dat over tien maanden moest aftreden, en dan treedt hij ook weer af. Hoewel, hij is dan dadelijk weer herkiesbaar.

Sluiten