Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eenigingen gemengd (Roomsch en Protestantsch) dan wel zuiver Roomsch moeten zijn, heet het: »Wij bidden dagelijks meermalen tot God: Uw wil geschiede op

aarde Welnu, het is zeer onwaarschijnlijk, dat wij

handelen overeenkomstig dien wil, wanneer onze handeling lijnrecht ingaat tegen hetgeen zij, die God als Herders boven ons gesteld heeft (de Bisschoppen), uitdrukkelijk verklaren, dat hun wensch is« x).

En op dezelfde lijn ligt, dat een Roomsch blad 2) als eersten eisch aan den priester, ook voor zijn socialen arbeid stelde: gehoorzaamheidI Het gold de kwestie van een dienstdoend kapelaan, die lid werd van de S. D. A. P. en toch meende, goed Katholiek en fungeerend priester te kunnen blijven, omdat de Kerk zich nooit over de Sociaal-Democratie heeft uitgesproken en over deze immers oeconomische vraag de Paus zich wel nooit »ex cathedra* en dus onfeilbaar uitspreken

zal nu de Bisschop het anders had beslist, had de

kapelaan zich moeten onderwerpen.8)

Voor een kerk, die dit belijdt, komt de taak tegenover het maatschappelijk vraagstuk anders te staan, in ander licht en met anderen omvang dan voor een kerk, die met de hierarchie en het gezag der dienaren radicaal heeft gebroken, of heeft willen breken.... of had moeten willen breken.

Het tweede geschilpunt voert ons dieper in de dogmatiek ; wij denken aan »het beeld Gods in den mensch*.

*) Mr. P. J. M. Aalberse in het Kath. Sociaal Weekblad van 10 November 1906. Verg. het artikel: De plaats van den Priester in het Bociale leven, Kath. Soc. Weekblad van 18 Jan. 1906. *) De Gelderlander in de kwestie Dr. J. van den Brink.

') Zie ook onze opmerkingen op blz. 94 en 166.

Sluiten