Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I

venster in een tussclienmuur; cette innison a ,|r8 — h »ur ln niaison voisine, eenige vensters van dit huis zien uit op het naburige huis; — droit, ter borsthoogte geplaatst licht;

— a plomb, loodrecht invallend licht; plaeer uil tableau a («lan»*) sou —, een schilderij in t goede licht plaatsen; fig. cela jette «n — nouveau sur la question, dat werpt een nieuw licht op het vraagstuk; —, opening; se »«Jre doorbreken; zich openbaren; 1'eau se Ut — « travers la digue, het water brak door den dijk; eloison pereée a —, beschot met openingen (voor 't licht); fig. 011 a peree a — sa fraude, sou seeret, men heeft zijn bedrog, zijn geheim onthuld; un fourbe peree a —, een ontmaskerde schurk; des bras a —, opengewerkte kousen; —, middel; je ne yois point

— (point de —) a cette affaire, ik zie geen middel om deze zaak tot een goed einde te brengen; —, dag; il faiblit de — en —, a —. hij wordt met den dag zwakker; ee Journal

-..it i«u i...:* a Ho/p nmirant. ver-

niirnii iuub irn n,».* — * ;;

schijnt om de week; de deux —s 1 un, om den anderen dag; avoir son —, een bepaalden dag voor iets hebben; een bepaalden ontvang-

1. .. i. i i~ I'.».» rln r»ioiivvinnrfidni/:

(lag neuuuu; ir — wc ■ o:

je prendrai votre —, ik zal den dag nemen, dien u kiest; prendre —, een dag afspreken

Uil |i»rau> — , ecu», vy «.chcich , r»- ■. dagelijks; d'un — a l'autre, binnen zeer korten tijd; de — a autre, van tijd tot tijd; de nos

—s. heden ten dage; au —, van vanuaag, ces fruits sont du -, deze vruchten zijn vandaag geplukt; inettre sa eorrespondaiiee

a —, Zijne cuiTespunuciiuc un

vèteinents de tous les —s, de aaagsche kleeren; les vMeuieiits des grands —s, de zondaassche kleeren; du — au lendemain,

. i. _ . 1 , P, rr 7nnHpr 1111-

lussenen vanuaag en muigcu, "&•

stel, onmiddellijk; il vous piilera nu premier

—. uil de ces — s, hij zal u een dezer dagen betalen; - pour —, a pareil —, juist op denzelfden dag, op den dag af; vivre au — la journée, au — Ie —, zorgeloos, zonder te

sparen ïeven. .

Journaal, m. (lat. diurnus, journalier)

.1 1 I. „r.1 . Ar, «.nol hl !1 d mn:i nd-

UagUUBK, JUUl 11 uai, UOguiuu,

schrift; - quotidien, hebdomadaire. nien-

suel, dagblad, weekblad, maanaoiaa; - oinciri,

staatsblad; publier un —, een dagblad uitgeven; — de terre, stuk land, dat men in een dag kan bewerken; — a. livrejouriial, papier» journnux, dagboek, dagregister; —lier, ere. 'a. (lat. diurnalis) dagelijksch; veranderlijk,

i ii? ■; j.. liumo m

wisselvallig; — nrr, m. uagiwuw, —

het dagbladwezen, de journalistiek; betrekking

if.in ^irrKlnrlcphpiivnr- -liutf 111. d M Lrbl:ld.SCh 1'ï ï "

»«" uuguiuuavui.j.v», o -

ver, journalist.

1...... n.. f Jn» m • rlatvurorlr • dni/mnn : dnff-

•»««II ||iirc, i. ua<5, —O > --o

reis, v.; gevecht, slag, m.; homine de —. üaglooner; nieiitlr ii la —, a — faite, voortdurend liegen (alsof men er voor betaald wordt); la — de Marengo. de Waterloo, de veldslag van

«i .... \irn«A>inn> iiallainont ndv.

ITlilieilKU, VUIl YTOWIIW) ... .

uagtuijKa.

f /-lat i ii v t 9 nrt'S df») steeksDCl

* . ..! Li. ft™ l.nMn otiMÏrl m • (lp

WUltSrSieeKSpVI, Hg. Rimip, onyv», »«M —

eous, hanengevecht; —ter, v. n. een steekspel

I J 1 V 1 M,,) nnnnan tairarl pllffln.

nuuuen, lansen urenen, mciapcicu

,1 ... 11 ~ l.omnnn c.riidon* —(Plir

uci luimen, ug. mm. 7

m. kampvechter; c'est uil rude —, 't is een

gCUUUUb Kiiui JHUCU. #

-{-Jou ven Ure, (bas lat. juventia) f. jeugd,

r.; fontalne de Jouvence, verjongende bron.

• j—eeau. m. iam. jungcnuj,, ......,

—eelle, f. fam. meisje; jonge dochter. nn..«éa /int iuvtni nrên. nevens, belen-

, JUUAII V'ul" J *»««—/ I r

dende; volgens, overeenkomstig.

Jovia|| I. ale, a. lustig, opgeruimd, vroolijk, blij, onbezorgd; —lité, f. vroolijkheid, blijgees-

tigneia, v.

.lovieii, ne, a. jupuer «eireuwiu. * — /i„* iftnoiin\ lrlpinnnd. uiweel:

•luynu, in. viai" j

opschik, tooi, m.; Ie» -x <le la eouroiiiie,

de kroonjuweelen. wiM.,h„n hl;;,,a.

ÜOVeUi Semfll». auv. mcw ---J — 7

—seté, f. aardigheid, grap, v.; —x, euse, a. blij, vroolijk, lustig, verheugd.

yJube, f. manen, v.; halsvederen (van den

haan>' X- . . w

Jube, m. noogzaai, oKzaai, v.

koor en 't schip van de kerk); venir a —, zich onderwerpen; alles doen wat men wn*

.Jubi laire. a. tot het jubelfeest behoorend; ziin jubileum vierend,' zijn 50-jarig ambtsfeest vierend; Wte —, jubelfeest; annee —, jubeljaar; —lant. ante, jubelend; Jvreugde, vroolijkheid, v.; —Ie, m. (hébr.,10bel, corne de bélier, instrument qui servait a an-

noncer rannee sainiej juutJijaai, vuij

ï. » «IS-.4 „Ilnntioor ^ hl 1 dp. Kfvtnf»-

ae ouae ismeuetcii;. v-.j —

lieken); jubileum (50-jarig ambtsfeest); faire

'' 11. 1.\'f»nrtrp«phrp.v*pn

hou —, aiie vuur neu ' ys ;

godsdienstoeremngen venium.cu, 1 —

kaarten in de war werpen; ee professeur eêlêbre eette annee son —, deze hoogleeraar viert dit jaar zijn jubileum; a. —, zijn oO-jarig ambtsfeest vierend, jubilaris; —Ier, v. n. (lat. iubilare) vreugde bedrijven, jubileeren.

J » „ « • _ ..1 I noord d.-lt VftflP nn

.111 ene. a. tue^i —, f»»1", •:

den voet gaat, overkootig is; -clier, v. n. et

: i nn hot 1'Plf ern n

8e —, v. pr. ruesten, moicu, o

zitten, rekken, te rek gaan (van hoenders en andere vogels); fig. fam. ergens op zitten; se

^ nnnn linAITO 1"|1 QütQ H Tl

— V. pr. ng. iain. up ccuo uw6v f"f eene bovenverdieping gaan wonen; v. a. hoog neerzetten; —ehoir, m. roest, v., roeststok,m.,

rek (waarop oe noenuei» litkcu/.

.ludaïllque, a. (lat. jud.-eus, juif) joodsch; fig. te veel aan de letter hechtend; — queuient, adv. op zijn joodsch, op joodsche wijze; sant, ante, a. het Joodsche geloof toegedaan; —sine, m. jodendom; —ser, v. n. het Joodsche geloof

J 1 .,„«1 oon Ho lpttp.r hpp.htpn.

toegeaaan zijn, «g. vw. »«.«

Judas (pr. a), m. verrader; baiser de -, verraderlijke kus, v.; barbe de —,roode baard, avoir u 11 poil du — , rood haar hebben; —, i.::i...« ;..n /ir» noiit» wnidprinff. eene deur).

ï '. " V^'^^terhoen.

.IllUCie, «f liurilf-, 1. ,

i...ii.nt«.».>inh-i m borgtocht van een

vreemdeling voor de rechtskosten, m.

Juaieaiure, 1. juuivovu.u^-v,—

iuger) rech tersambt. . ..

Judiriai re, a. (lat. j udicium, jugement) gerechtelijk, rechterlijk; onlre gerechtelijk bevel; veute —, verkooping op bevel van den rechter; téinoin getuige in rechten; astrologie — wichelarij of voorzegging uit de sterren, v.; roinbat -, gerechtelijk tweegevecht;

f. beoordeelingskracht, v.; -reinen», adv. gerechtelijk; op gerechtelijke wijze.

Judièieu 1 »eiiien(, adv. oordeelkundig, met oordeel; eu»e, a. (lat. judicium, juge¬

ment) oordeelkundig. , .. .

Juee. m. (lat. iudex; de jus, droit et dicere, dire) rechter; - clvll, burgerlijk

Sluiten