Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Opkijkend zag hij, dat de vreemde hem aangaapte. Bijna tegelijk spraken ze, zeggend mooi weertje in hun eigen taal, die vreemd klonk tusschen het gekwek van Engelsche y-klanken rondom hen.

Van 't een kwam 't ander en toen ze weggingen, wandelden ze werkelijk arm in arm, spraken ze vertrouwelijk.

Beiden verwonderden zij zich, dat ze den weg, dien ze zoo dikwijls geloopen hadden, nooit mooi hadden kunnen vinden, en ze redeneerden maar door, vertellend van eigen leven, eigen idealen.

Quee en Lung werden trouwe vrienden. Eiken Zondag kon men hen zien zitten op hetzelfde bankje in Battery-park, vlak over het aquarium, waar mooi gekleede dames en heeren in- en uitliepen, om te kijken naar de nijlpaarden en goudvisschen, en de vaste wandelaars wisten al, dat ze daar geen plaats zouden vinden omdat ze er altijd de chineezen vonden met wijdgespreide mouwen en broekspijpen.

Op een avond, toen zijn vriend bij hem kwam, schrikte Kweng hevig, terwijl Lung verlegen lachte en zenuwachtig met z'n oogen knipte... niet durvend het eerst te spreken.

Zwaar hing de stilte in de wasscherij. Toen,

12

Sluiten