is toegevoegd aan uw favorieten.

Oud en nieuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoedanig ook het ideaal moge zijn dat wij ons in 't algemeen van den historicus hebben te vormen — want daaromtrent is er verschil van zienswijze denkbaar — op één punt komen wij allen toch overeen: geschiedschrijver mag niemand heeten, die niet waarheidsliefde aan wetenschap paart. En nu vragen wij: wat staat het meest in den weg aan dat eerste vereischte — het liefhebben, het hoogschatten. het voorstaan der waarheid ?

Groen zelf heeft zich voor ons niet het antwoord belast. In de voorrede van zijn Maurice & Barneveld is er spraak van Motley's Leven van Willem I. Een uitnemend fransch schrijver, zelf geen vreemdeling op historisch gebied, de staatsman Guizot, had het werk van Motlky. bij zijn eerste verschijnen, met deze lofspraak begroet: „En retra9ant cette tragique et glorieuse histoire, il a porté dans son travail deux grandes qualités, la science et la passion." Na die woorden te hebben aangehaald, laat Groen er deze ondeugende toelichting op volgen: „La louange ici est une critique déguisée, un modèle d'urbanité. Evidemment la passion ne compte pas parmi les grandes qualités de l'historien. La preuve du contraire se trouve dans les écrits de M. Guizot lui-même, oii un calme caractéristique .... domine et maitrise la passion." — En als Guizot, zijn gunstig oordeel verder uitwerkend, doorgaat: „Le livre [de Motley] est un grand plaidoyer historique en faveur de la liberté .... la cause est évidemment bonne et gagnée, quoiqu'on puisse dire de la passion du rapporteur", - ■ dan luidt weder de terechtwijzing van Groen : „Mieux que personne M. Guizot. éminent historiën lui-même, lesavait: un avocat n'est pas un historiën et un plaidoyer n'est pas une histoire." Met andere woorden; om waar, om waarheidlievend te zijn op historisch gebied, behoort men zich voor hartstocht te wachten. Wie daaraan toegeeft, schrijft misschien een welsprekend pleidooi, maar zal de onpartijdigheid van den echten geschiedschrijver missen.