Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar ook afgezien van die treurige uitkomsten — kan men redelijkerwijze aannemen, dat de Hoogste Wijsheid, bij liet stichten zijner Kerk, eigen onderzoek van de h. Boeken zou hebben aangewezen, als het noodzakelijk middel om tot de kennis der godsdienstwaarheden te komen, om, niet geslingerd door bedrog en valsche leering, ten einde toe den weg te houden, dien hij ons had getoond? Maar immers zoodanige veronderstelling brengt ons in strijd met Gods Wijsheid en Goedheid. Dat middel toch ware veertien eeuwen lang, voor de overgroote meerderheid der christenen, volstrekt onmogelijk geweest. Hoe weinigen toch waren in het bezit van den Bijbel, vóór dat de pers de algemeene verspreiding daarvan mogelijk gemaakt had!

En zelfs nu nog, hoe weinigen alweder beschikken over genoegzamen tijd, ijver en wetenschap, om door eigen studie hun geloof op te maken uit de h. Boeken?

Moeten die dan maar verstoken blijven van den schat des geloofs? Heeft Gods Zoon die ongelukkigen verworpen, voor hen Zijne Kerk niet gesticht? En hoe zijn dan onze voorouders, de onbeschaafde Germanen, voor de Evangelische waarheid gewonnen ? l)e Bijbel alleen, zoo klonk do leus der 16° eeuwsche Hervorming; de Bijbel alleen zij onze gids! Maar — is hier twijfel nog mogelijk — wat kan het geloovig Christendom in die leus anders zien, dan de vrucht eener heillooze theorie, even onuitvoerbaar bevonden in de praktijk, als uit haar aard en a priori in strijd met de menschelijke rede?

Maar dat alles moge voor ons klaar, zichtbaar zijn als de zon aan den hemel, — Groen, wij hoorden het al, zag dat niet. Waar deze panegyricus het oog slaat op de opkomende Hervorming, daar juicht hij geestdriftig: „God sprak: Er zij licht, en er was licht." En vragen wij hem naar de reden dier geestdrift, aanstonds staat hij klaar met het antwoord- ,,De hervorming was terugkeering tot het Apostolisch Geloof!" enz.

Sluiten