Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan ooit deze vorst aanspraak maken op zoo eervolle benaming, die gespot heeft met de godsdienstige overtuiging zijner onderdanen — niet enkel ook van do Christenen — zonder in 't minst hun gewetensvrijheid, hun rust, hun loven zelfs to ontzien ? I)c hemel beware onze bestuurders voor zoo verregaande verlichting!

Maar lag er dan niet iets edels in de bedoelingen van dezen keizer? Het was immers zijn plan „do vereering der heiligenbeelden uit te roeien" want die was „ontaard in afgoderij." Nog een woord over die laatste bewering van onzen auteur. Het uitvinden van dat sprookje — wel de zachtste naam dien ik er voor weet ■—• stel ik niet op rekening van onzen auteur. Hetzelfde werd der katholieke Kerk al verweten door den gekroonden dogmaticus, toen hij zijn ruwen beeldstorm begon. Te goeder trouw is datzelfde ook later geloofd en beweerd door vele eenvoudige Protestanten, onbekend als zij waren met de loer der kath. Kerk, die nooit afgoderij onder haar kinderen duldde. Maar een historicus moest beter weten. Uit ontelbare bewijsstukken dor 8<* eeuw blijkt overtuigend, dat de door den keizer bestreden heiligenveroering geene andere was dan die thans nog overal hij de Katholieken in zwang is. Men zie maar eens de brieven in over deze quaestie door de Opperpriesters der Kerk Gregorius II en III aan Lko geschreven. Plaatsgebrek belet mij daar thans meer van to zeggen.

Het volgende Hoofdstuk moot den jeujdigen lezer bekend J maken mot Mohammed, met zijne loer en zijn werk. Wij zullen hier den tekst der meer uitgebreide „Geschiedenis" gebruiken (Ilo Deel blz. 18 v. v.). Wat ik daarover zal zeggen, is echter in hoofdzaak ook toepasselijk op het beknopte „Overzicht" (blz. 63).

Met verwondering, ja, heb ik geheel dat hoofdstuk gelezen: de valsche profeet verschijnt hier m. i. niet in

Sluiten