Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*152 Levy (Paut Emile), De Wil, verstandelijk ontwikkeld en toegepast als geneesmiddel. Amsterdam, 1900.

*153 Loenen Martinet (•/. van), Het Fatalisme in onze jongste letterkunde. Haarlem, 1891.

154 Manen (Br. W. C. van), Bovennatuurlijke godsdienst. Naar het Engelsch. Sneek, 1870.

15.) Manssen (W. Het Christendom en de vrouw. Historischapologetische studie. Leiden, 1877.

I5<; Maronier (./. II.), De godsdienst in het leven. Handl. bij het bij het onderwijs in de moraal. Leiden, 1878.

*157 , Wat wij van God weten. Arnhem. '

158 , Kerkleer en Christendom. Gedachten van

Theodore Parker. Utrecht, 2 exempl.

*159 , Waarom wij in God gelooven. Amsterdam.

100 Matthea (Br. J. C.), De nieuwe richting. Een leesboek voor de gemeente van dezen tijd. Groningen, 1885.

101 Meyboom, (Br. L. S. P.), De hoofdzaken der christelijke waarheid. Arnhem, 1854.

162 , Het oude en het nieuwe licht. Amsterdam, 1850.

10 3 , Hoofdbeginselen der nieuw-christelijke

richting. Haarlem, 1875.

10 4 , Hoofdbeginselen der nieuw-christelijke

richting. Haarlem, 1872.

105 Montaigne (Miehel de), Essais. Paris, 1882. 2 vol.

160 Multatuli, Ideeën. 7 Bundels. Amsterdam, 1877.

107 , Minnebrieven. Rotterdam, 1881.

108 Muurling (Br. IV.), Resultaten van onderzoek en ervaring. Groningen, 1870.

169 Opzoomer, (Mr. C. IV.), De waarheid en hare kenbronnen. Amsterdam, 1862.

170 , De Godsdienst. Amsterdam, 1864.

*171 Oort, (Br. II.), Twaalf wonderspreuken van Jezus toegelicht.

's Hertogenbosch, 1870.

2

Sluiten