Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5. Over 12 jaar staan de ouderdom men van A en B tot elkander als 5:9; thans verhouden ze zich als 2 : 3. Hoe oud zijn A en B nu?

6. Een koopman verloor, doordat hij voor £ zijner waar geen betaling kreeg, 4M %. Hoeveel procent zou hij gewonnen hebben, als hij de geheele verkoopsom ontvangen had?

7. Een heer moet den 28 Mei ƒ3000 betalen, doch hij kan die som, na aftrekking van korting, reeds den 8 April voldoen met ƒ 2981,25. Naar hoeveel procent 'sjaars wordt dan de korting berekent?

8. Vul in met een tiendeelige breuk:

(3* + f X ) X 6t : M = 589,84375.

9. Van een rechthoekig stuk papier, dat 7 cM breed is, wordt het grootst mogelijke vierkant afgeknipt volgens een lijn evenwijdig met de breedte. Daarna knipt men 't overblijvende stuk, waarvan de omtrek 3,4 dM bedraagt, in 2 gelijke rechthoeken. Hoeveel dM is de omtrek van elk dezer rechthoeken minder dan die van den eersten?

10. A en B konden samen een werk in 32 dagen afmaken, B kon 't alleen in 56 dagen. A werkte eerst 16 dagen alleen, toen deed B de rest. Hoeveel dagen moest B nog werken , toen hij ï der rest had afgemaakt?

Sluiten