is toegevoegd aan uw favorieten.

Oud en nieuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ontdekken, en die ook, zooals iedereen ziet, niets ontneemt aan de waarde van het door hen gegeven overzicht. Die onjuistheid bovendien komt eigenlijk op rekening van Prescott, op wiens gezag zij hier schijnt overgenomen. En bet kan niemand bevreemden, dat aan den Amerikaanschen schrijver de latijnsche Grotius meer bekend was dan de hollandsche Van Reyd, wien toch, zooals wij reeds hebben gezien, de prioriteit toekomt in het verzinnen van dat hooge getal. Men herinnere zich slechts, dat Grotius' Annalen voor het eerst zijn uitgegeven in Sept. 1(557. nadat Van Reyd's geschiedenis al dertig jaren lang (sedert de 1« editie van 1(526) het licht had gezien i). Doch geven wij nu weder hot woord aan den heer v. u. Haeghen :

„L'affirmation de Grotius fut généralement adoptée sans contestation, par tous les historiens, jusqu'au moment oii un américain, W. H. Prescott, entreprit de soumettre la question a un sérieux examen (History of the reir/n of Philippe II of Spain, traduction fr. Brux. 1860).

Van de nu volgende lange aanhaling uit Prescott zal ik kortheidshalve niet meer overnemen, dan volstrekt noodig is om de zienswijze van dezen beroemden schrijver tenvolle te kennen. (De zonder aanhalingsteekens tussclien ingevoegde fransche tekst is van de Gentsche auteurs: de onderschrappingen zijn van mij).

„S'il faut en croire une statistique populaire, cinquante mille personnes, sous le règue de C'harles-Quint périrent [dans les Pays-Bas] de la main du bourreau pour leurs

1) Wil men verder nog vragen, wie van beiden het eerst dat hooge cijfer op 't papier heeft gezet, ook daaromtrent kan ni. i. geen twijfel bestaan. Van Reyd overleed in 1002; men mag aannemen, dat hij ten minste al vijf jaren vroeger de eerste hand had gelegd aan zijne vrij lijvige historie (waarvan juist de eerste zin de 100.000 vermeldt) dat brengt ons dus tot het jaar 1507. — Grotics (geb. 10 April 1683). vatte pas in 't begin van 1601, te midden zijner klassieke Studiën, de pen op, om in zijne Annales eene lofrede op de Zeven Provinciën te schrijven.