Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stadhuiswoorden grimmelt. Maar de juistheid der daarin vermelde bijzondérheden vinden wij door een der hier voorkomende sprekers ten volle bevestigd. Hooren wij, hoe dc dichter-Raadpensionaris zelf dit voorval in zijn Tuee-entachliy-jarigh leven beschrijft:

't Was op een Saturdagh dat, Hollandt uwe Staten In haer bescheyden plaets bij een vergadert zaten, Als ick nu veerdigh was te nemen by der handt Iet dat ick voor den Staet bequaem en dienstigh vant: Doch eer ick eenigh werek noch had ter hand genomen, Soo wiert ick by den prins versocht te willen komen: Ick dede metter daet gelijck ick was versocht.

En siet. daer viel iet voor daer. op ick niet en docht. Ick vond den prins gestelt niet als hy plagh te wesen, My docht uyt zijn gelaet vets vremts te konnen lesen; Het leed als geenen tijt hv quam omtrent my staen, En sprack my evenselfs met dese reden aen:

Ick hebbe, na beraet en 0111 verschevde reden. In seeckerheyt gestelt een deel van uwe leden;

Die werden [worden] nu bewaert, en dat op mijn bevel. Die luvden niettemin die sijn in alles wel.

Ick hebbe bovendien een hoop geswinde gasten Bevolen Amsterdam met wapens aen te tasten;

Ghv, let wat ick u segh. en meught oock henen gaen, En seght dit mijn verhael den Staten veerdigh aen. Ick stont hierop verstelt, als van een seltsaem wonder,

Mijn brei/n tras omgeroe.rt als van een g moten donder. Ick vraeghde niettemin, van waer het onheyl quam. En waeruyt dat 'et rees en syn beginsel nam ? Ick vraeghde bovenal, wie dat de luvden waren.

Dien heden op den dagh het stuck was wedervaren? De prins doch evenselfs, al scheen hy ongesint. Die haelde my papier en pen en goeden int.

Hy seyde: schrijft hierop het pit van dese saecken. En wilt het altemael uw Heeren kenbaer maecken;

Sluiten