is toegevoegd aan uw favorieten.

Oud en nieuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is. De Souvereiniteit der enkele provinciën, in het oog onzer Hoogniogenden de onmisbare grondslag der vrijheid, is een onding voor Groen: hij acht die in strijd met do bepalingen der Unie ')• En terwijl de Vergadering, zich aansluitende bij het Hollandsch gevoelen, het al- of niet benoemen van een stadhouder overlaat aan het goedvinden der enkele provincies, heeft Groen daarentegen in het Stadhouderschap altijd een essentieel bestanddeel onzer staatsregeling gezien. Met blijkbare instemming haalt hij deze woorden van Slingeland aan : „Het is onwedersprekelijk, dat eene Staatsregeling met Stadhouders de oude en ware constitutie van de Republiek is. (Handboek n. 32b).

En die constitutie was door de Groote Vergadering verworpen; hoe kon dan haar arbeid de goedkeuring wegdragen van een historicus, dien wij rechtstreeks tegen haar streven gekant zien ? Maar hooren wij zijn eigen woorden:

„De Groote Vergadering kwam bijeen. Holland nam gevlei en belofte en. waar dit vruchteloos was, hooghartigheid en bedreiging te baat. Het Kapitein- en AdmiraalGeneraalschap der Unie bleef onvervuld; de vier gewesten werden door Holland overreed 0111 stadhouderloos te

1) Allerduidelijkst lieett hij dit verklaard in zijne Archives (2e Série, IV, p. VI): „On sait que, conformément a 1'Union d'Utrecht, les Etats-Généraux devaient administrer souverainement ce qui avant trait aux afïaires communes, a la paix ou a la guerre, a la défense et aux finances du pays, et que 1'autonomie provinciale était subordonnée a ce lien fódératif.'

2) Men vergete echter niet, dat te allen tijde vele onzer staatslieden van het tegenovergestelde gevoelen zijn geweest. En wat de souvereiniteit dor provinciën aangaat, ook die telde altijd vele en machtige voorstanders, die zich niet minder dan hun tegenpartij, op de Unie van Utrecht beriepen. Ik wil niet tegenspreken, dat het meer monarchisch systeem van Groen het meest wenschelijke voor onze Republiek zou geweest zijn. Maar was het in "t leven geroepen en bedoeld door de Unie? Dan zal men moeten besluiten dat onze staat tot tweemalen toe (van 1650 tot 1672, en van 1702 tot 1747) gedurende een tijd van 77 jaren een abnormaal bestuur heeft gehad.