Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moesten, als gezegd werd, dat de theologische faculteit over die leeringen vonnis had geveld zonder ze gelezen of begrepen te hebben; dat ze in de geschriften van heilige vaders als rechtzinnig en katholiek voorkwamen? Niet weinigen toch achtten ze op den Bijbel en op de „Ouden" gegrond »). Luther gispte, dat het vonnis niet behoorlijk met redenen omkleed was; slechts had men uit de hoogte zekere leeringen als kettersch bestempeld, zonder op gronden aan de Schrift ontleend, aan te toonen, waarom men aldus en niet anders mocht oordeelen *). Toen heeft Latomus zich opgeworpen tot kampioen van de rechtmatigheid der uitspraak zijner faculteit. Het uitvoerige boek, dat hij in het j. 1521 het licht deed zien, was hoofdzakelijk gewijd aan de bestrijding van Luther's beweren, „omne opus bonum est peccatum"; vooral met Schriftbewijzen trachtte hij Luther te wederleggen 3). De vorm kan niet gelukkig worden genoemd. De aaneenrijging van ontelbare teksten met daarop volgende uitlegging maakt het geheel tot een zeer dorre leesstof. Het begin is niet zeer fraai. De schrijver zegt toch in de opdracht, dat door de inmiddels verschenen pauselijke banbul de rechtmatigheid van het Leuvensche vonnis voldoende is gedekt4). Overigens dient erkend, dat doorloopend een heusche toon wordt aangeslagen, zóó heusch, als in polemische geschriften van dien tijd maar zelden valt op te merken. Luther heeft dit boek kort na de aankomst op denWartburg in handen gekregen. Hij zette er zich toe het te lezen en, ofschoon de langdradige lectuur hem zeer tegenstond,

1) Latomus in de aanstonds te noemen Articvlorvm damnatorum Ratio, in de opdracht Rodolpho de Monckedamis, quat. A, fol. ijr.

2) Luther in de Responsio, genoemd in aant. 6 op blz. 24: Opera latxna vanx

argumenti, Vol. IV, p. 186.

3) Articv-l/lorvm doctrinae fra // tri» Martini Lutheri per theologos I, Louanienses damnatorum Ratio // e* sacris literis, et veteribus // tractatoribus, per Jacobum // Latomum sacrae theologiae // professorem. [Aan het slot, op quat. cc, fol. V »:] Impressum Antuerpiae per Michaelem Hillenium Sub intersignio Rapi. Anno M.D.XXI. viij die Maij. — De titel is gevat in een lijst van renaissanceornamenten. Formaat: in-4» [het laatste vel heeft een insteekblad]. Letter : Romeinsch. Ongepagineerd. Signatuur: bi—cciij. Hoogte . 19.2 c.M. Bree te. c. Een exemplaar is my geleend uit de bibliotheek van het Collegium maximum der E. P. Jezuïeten te Leuven. Het werk is herdrukt in de Opera van Latomus, fol. lr—53v.

4) Jacobus Latomus Rodolpho de Monckedamis, voor de Articvlorvm damnatorum Ratio, quat. A, fol. ijr.

Sluiten