Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

inquisiteur is: „geloof vastelijk, dat de paus onmogelijk dwalen kan. Als iemand hieraan mocht twijfelen of naar den grond van dit geloof vragen, zou hij metterdaad reeds ophouden inquisiteur te wezen, maar zelf aan de inquisitie onderworpen moeten worden als zijnde stellig een ketter" ')• We tegenwerping wordt gemaakt: „maar Petrus dan, heeft deze blijkens liet Evangelie niet dikwijls gedwaald"? Het antwoord is:

Hoe est vna frasca et brocardicum argumentuin. Nam tune temporis nondum aceeperat Spiritum sanctum, licet fuisset in gratia dei Quia potent aliquis esse in gratia dei, non habendo Spiritum sanctum (vt alias habet videri per Magistros Nostros [d. w. z. de theologen].

Maar heeft Paulus Petrus dan niet bestraft? Ja, doch het gold slechts eene vergefelijke zonde. Bovendien, de heiligen der oude kerk waren zeer ijverig; kleine zonden laakten zij alsof ze heel groot waren. Want dat wij nu de ketters (looden en verbranden, zou men toen als moord beschouwd hebben, terwijl er in onzen tijd, mits het met de rechte bedoeling geschiedt, niet alleen geen zonde, maar zelfs groote verdienste aan verbonden is 2).

Als de tegenstander van het Humanisme en de Hervorming beide, vijand zoowel van Erasmus als van Luther, wordt Van Hoogstraten gehekeld in het „Conciliabulum theologistarum" '), de verdichte beschrijving eener vergadering, waarbij tegenwoordig zijn: Eduard Lee, de bestrijder van Erasmus, Dr. Eek. Arnoldus van Tongeren en Petrus Meyer, bekend door het proces tegen Keuchlin, benevens eenige anderen. Van Hoogstraten is voorzitter en stelt het vraagstuk aan de orde, wat men doen moet tegen de geestesstroomingeu van den tijd:

quid vobis videtur de illis novis Poetis, et de illis novitatibus, quao

blz.: 41. Signatuur: Ag—Bi. Hoogte: 18,7 c.M. Breedte: 13,3 c.M. Een exemplaar werd mij geleend uit de universiteits-bibliotheek te Utrecht. Eene andere editie, zonder den brief van Eek, is herdrukt door Boeking, in Vlriehi Hvtteni Opervm svpplementvm, T. I, p. «9 -499. Weder eene andere editie is gebruikt door Schelhorn. Zie zijne : Amoenitates literariae, Francof. 1728, T. IX, p. 771, 777.

1) Ars et modvs inqvirendi, quat. A, fol. ijr.

2) Ars et modvs inqvirendi, A, fol. ijv.

3) Conciliabulum theologistarum Adversus Germaniae Et bonarum literarum studiosos, Coloniae celehratum, 16. Kalend. May, postquam loann. Hohenstratus Deiectus est ab officio Prioratus, et ab officio Inquisitoris. Afgedrukt achter eene uitgave der Epistvlae obscurorum virorum, Francof. a. M., 1643, in 12", p. 372—392.

Sluiten