Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INLEIDING.

onder de predikers te denken, als men Hoffman hoort klagen over „onze tegenwoordige leeraars" '), die de leer waartegen hij zich richt voorstaan. Aan den anderen kant is noch de eene noch de andere groep van gedachten, voor zoover ik weet, rechtstreeks tot het volk doorgedrongen, al is zijdelingsche invloed daarvan niet onmogelijk. Maar aan die nederlandsche kringen, waarin Hoffman zijne lezers moet hebben gezocht, zullen zij in 1530 nog wel vreemd zijn geweest. Eerst later wordt dit anders. Als Joannes Anastasius Veluanus omstreeks 1552 zijn „Der leken wechwyser schrijft, heeft hij aanleiding om ook over de praedestinatie en den vrijen wil te handelen2). Geheel Hoffman's boekje nu richt zich minder tegen geleerden, die dan z. i. ten opzichte van een wijsgeerig vraagstuk dwaalden, dan tegen eene zedelijke afdwaling onder het volk, d. i. natuurlijk onder die leden van de burgerij, den ambachts- en landbouwenden stand, die ontwikkeld genoeg waren om belang te stellen in zulke vragen, die gemoed en leven raken. Hij heeft het oog vooral op menschen, die een voorwendsel zoeken om te kunnen ontkomen aan den eisch van dat „beterlio leven , dat den weg ter voltooide wedergeboorte en ter zaligheid moet banen, en die nu zulk een voorwendsel hierin vinden, dat de zonde niet 's menschen schuld is, daar God immers niet allen roept; of hierin, dat zij, ofschoon geroepen, niet bij machte zijn zich te bekeeron. Licht dat Hoffman, juist nu hij in zijne prediking niet langer den jongsten dag op den voorgrond stelde en niet meer meeging met het geroep: „geloof, geloof, genade, genade", 'twelk vroeger ook hem niet zoo vreemd was geweest, maar nu hjj in plaats daarvan meer op de zedelijke eischen van het Evangelie den nadruk legde, — licht, zeg ik, dat hij nu ook bij zijne hoorders meer dan tot dusver stootte op eene dwaling als die, welke hij in dit boekje hun ontnemen wil. En niet dit alléén doet daarin minder aan een wijsgeerig vraagstuk denken dan aan dwalingen onder „het volk . In dezelfde richting wijst zijne bestrijding van het gevoelen, volgens hetwelk de geloovige reeds nu boven de verzoeking tot zonde verheven zou zijn 3). Maar terwijl hij beoogt zijne nederlandsche lezers

1) Verclaringe 'van den ... vrien tvtl; Quat. A iiij r<>, viij r°.

2) Bibliotheca Reformatoria Neerlandica IV, uitgegeven door Prof. F. Pijper, en daarin het register onder „praedestinatie" en „wil (vrije)".

3) Verclaringe van den ... vrien wil, Quat. B ij v«.

Sluiten