Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wanner se vor den viij. dach Kinder besneden hadden, als mith der Kinder Doepe gescheet. Mose hadde em gesecht, dat se de Seden vnde Rechten solden holden, wanneer se jnt belauede Landt quemen. Deu. iiij. v. vj. xij. etc. Jdt is ock vele erger Gades ordeninge vorkeren, dan liggen laten. Dauid hefft ock de Schoubrode gegeten, auerst nicht sunder tholatinge des, den dat anginck, noemliken, den Prester. Leui. xxiiij. dese Brodt weren den Prester thogekent, als hilch Brodt, darumme were ydt nicht thogelaten gewest, wanner se em de Prester nicht gegeuen hadde, vnd so se sick nicht rein van Frouwen entholden hadden, Leui. xxiii. ij. Reg. xxj. Mat. xij. Mar. ij. Yth orsaken was ock thogelaten, dat Paschelam in de anderde Maent eten, Leest Nu. ix. Denn ') // vnderscheit der gemeenten des olden vnd nyen Testamentes, hebbe ick beuorens gesecht. Ynde hefft Godt Abrahams vnde gantz Jsraels doechteren vpgenamen, mit vthwendige Teken 2), ya ock de Soenen vor den .viij. dach, so mach men ock nu de Kinder vpnemen, mit vthwendigen Teken. Hebben de do ein ander sunderlike gemeinte gehat, so segt dat vnse Kinder ock ein der 3) gemeente hebben. Seggen gy dat gantz Jsraels Soenen, de vor den viij. dach gestoruen syn, vnde dat alle Frouwes Personen, dat gantz olde Testamente vth hen4) hebben buten der gemeente gewest vnde vordoemet syn, so moegen ghy ock seggen, dat vnse vngedoepeden kinder buten der gemeinte vnde vordoempt syn. Hefft Cornelius vnd syn Hussgesin buten gestan, do he gelike gauen den Apostelen entfan. gen hadde, nochtans vnbesneden vnde vngedoepet? Acto. x. xj. Ynde hebben alle Frouwen (de Petrus hillich noemet j. Petri. iij.) buten gestan? Hefft ock Christus Jhesus suluen, vnnd de hillige Doeper Joannis, vnnde alle Soenen des olden Testamentes tho denn viij. dach buten gestahn? So synt vnse Kinder nicht bether, dan se alle 5).

Lr

1) „Den"; „het onderscheid".

2) Had God, gelijk Hij oudtijds de jonkskens opnam met de besnijdenis, toen de meisjes eveneens niet zonder een dergelijk uitwendig teeken willen opnemen : dan zou men ook nü de kinderen mogen (moeten) opnemen met den doop. Maar Hij heeft dit toen voor de meisjes onnoodig geacht; derhalve is tegenwoordig voor alle kinderen die doop onnoodig of ongeoorloofd.

3) Misschien is aan het einde van den regel „an"- uitgevallen en inoeten wij lezen: ein ander gemeente. De bedoeling is: evenmin als toen bestaan er nu twee gemeenten, eene van geloovigen, eene andere van kinderen.

4) Misschien: het geheele volk des Ouden Verbonds, voorzoover het uit haar, uit de vrouwen, bestond.

5) D. i.: „staan volgens u (d.i. Abel, de verdediger van den kinderdoop) de ongedoopte kinderen buiten de gemeente (Gods genadeverbond) en acht gij dit een onrecht, aan die kinderen begaan: bedenk dan, dat gij precies hetzelfde zoudt moeten beweren van alle vrouwen in Israël, die immers niet werden besneden,

Sluiten