Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

luden van Babel verre te bouen gaen. De een roept ick bin een bl. 11. slodder-//Mennist'), de andere ick bin een harde vries, de derde ick bin een huyscoper, de vierde ick een Bancheruttier 2), elck dient eenen sonderlingen heer in sulke gemeintschap, dat de wet vande natuer int groote Sacrament vanden houvvelicken staet niet staenden mach blyuen, en sniden de vrou vande man, de moeder van haer kynt, en soe vast voort, als vvy alle daghe voor ons oghen beuinden. Aen dit teycken alleen mach men genoch bekennen dat dit geslecht niet en is wt Godt maer vt Sathan, want God is een God van enicheit en vergadert alle geslachten, alle volken, alle natiën, alle talen, in enicheyt des geloofs, in enicheit der liefden, als hy seyt: Een is myn duue Een is de volmaeckte, dat is, de ghelouighe ghemeente in liefde versamelt doer een heylighe Gheest die in haer vvont.

Die Catholicke kercke brengt alle heydenen onder de sonne tot bl. 12. enicheyt des gheloofs ende der liefde, ende sy houden // vrede onder een hooft ouer de geheele vverelt: de Wederdopers verleyden de Christenen vt het ghelooff, ende schoeren die enicheyt soe veel als sy moeghen, niet alleen, vande vvaerachtighe kerck, maer oock onder den anderen: dat sy gheen vrede kunnen houden, noch in landen, noch in steden noch in dorpen noch in gebuerten, iae niet in huysen en cluysen. Nu gelooff ick niet, seyt Augustinus, dat ymans soe ontsint is, ende meynt dat hy tot de enicheyt van Aug. Epist. de kerck (off Gods Ghemeinte) toebehort, die de liefde niet en 50. ad Bonifa- bevvaert. Ende ghenesins heft hy Gods liefde die niet en bemint cinm' de enicheyt van Christus Ghemeinte, Maer hoe moghen die dops-

gesinde haer laten voorstaen, dat sy die Enicheit beminnen die soe langhe bannen, en elkander den Duuel ouergheuen, dat sy ten lesten wt alle de Christenen des werelts naulix seuen hoofden bl. 13. off bisschoppen byeen // vinden. Ende noch doet Sathan, die Christus Ryck van alle hoecken des werelts, nae haer segghen, soe seer verniet heft, dese vnbysterde menschen glorie aen 3), dat sy syn het cleyn vvtuercooren hoopken, als off de prophetie van Esa. 60 Esaias mocht lieghen, spreckende vande heylighe kerck off Gods Ghemeinte, De Heydenen sullen wandelen in v licht ende de Idem 49. Coninghen inde blinckentheyt van vwen opgang. Boert op v oghen rontsom, al desen syn vergadert, voor v ghecomen, met al

1) Slap. Dit schijnt hier in gunstigen zin bedoeld te zijn. 't Kan ook „slordig" en „onbeschaafd" beteekenen. Misschien: „ik ben maar een ongeleerd Mennist".

2) Schimpnaam van de gemeente van Jacob Pieters van der Molen: zie boven bl. 8, 9.

3) ... zoo zeer vernietigd heeft, dezen verbijsterde menschen de eer aan, dat zij zich de uitverkorenen kunnen of durven achten, ...

Sluiten