Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Over den schrijver lieb ik elders uitvoerig gehandeld J). Aan hetgeen ik daar bericht heb omtrent de omstandigheden waaronder zijn werk geboren werd en omtrent de wijze waarop hij zijne bouwstoffen verkreeg en bewerkte, heb ik weinig of niets te veranderen maar wel iets toe te voegen. Met de volgende opmerkingen moge hier worden volstaan.

Onder alle tegenspoeden hebben Joannes a Lasco, Jan Utenhove en Marten Mikron niet verzuimd schriftelijke aanteekeningen van hun wedervaren te maken. Zij waren de leidslieden geweest van de Londensche gemeente. Bij de troonsbeklimming van Maria de Bloedige in 1553 werd deze gemeente verstrooid. Een getal van 175 zielen heeft zich op twee schepen naar Denemarken begeven. Ook de drie genoemde mannen hebben aan dien tocht deelgenomen. Te Kopenhagen aangekomen hebben zij zich naar Coldingen begeven om aan koning Christiaan III verlof te vragen tot vestiging in zijn land. Van het verzoekschrift, dat zij den vorst aanboden, hebben zij zorgvuldig een afschrift bewaard 2). Het antwoord, dat hun door des konings kanselier in gezelschap van eenige raadsheeren mondeling werd medegedeeld, hebben zij opgeteekend en den volgenden dag het opgeteekende door genoemde raadsheeren voor conform laten verklaren3). Het wederwoord dat zij hierop hebben laten volgen, hebben zij op schrift gebracht en bewaard 4). Voordat zij tot den koning waren toegelaten, hebben zij eene preek moeten aanhooren van Paulus Noviomagus 5), die bij deze gelegen-

1) F. Pijper, Jan Utenhove. Zijn leven en zijne werken, Leid. 1883; als verdere literatuur over het onderwerp moge genoemd worden : J. H. Gerretsen, Micronius. Zijn leven, zijn geschriften, zijn geestesrichting, Nijm. 1895; Kruske, Johannes a Lasco und der Sakramentsstreit; ein Beitrag zur Geschichte der Reformationszeit, Leipz. 1901; K. Hein, Die Sakramentslehre des Johannes a Lasco, Berl. 1904; M. Woudstra, De Hollandsche vreemdelingen-gemeente te Londen, gedurende de eerste jaren van haar bestaan, Gron. 1908; A. A. van Schelven, De Nederduitsche vluchtelingenkerken der XVI' eeuw in Engeland cn Duitschland, 's-Gravenh. 1909.

2) Utenhovius, Simplex et fidelis narratio, p. 28—38; hierachter, blz. 43—'tl,

3) Utenhovius, ibidem, p. 41 seq.; hierachter, blz. 49.

4) Utenhovius, ibidem, p. 43—48; hierachter, blz. 50—52.

5) Eene levensbeschrijving van Paulus Noviomagus is te vinden in het nader te bespreken werk van D. G. Zwergius, Det Siellandske Clerisie, Kidbenhavn, 1754, Bd. I, blz. 450—4.">ii; in het Duitsch vertaald achter L. Harboe, Nachrichten von dem Schicksale des Jultann a Lasco, übers. von C. G. Mengel, Kopenh. 1758, S 177—192.

Sluiten