Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deel hebben aan de tafel des Heeren en aan die der Duivelen '). De mis heet nu een gruwel2), eene miskenning van de offerande van Christus, alsof Christus aan het kruis tevergeefs geleden had 3). Christus heeft zijn avondmaal met brood en wijn ingesteld tot gedachtenis zijns doods en verzegeling onzer harten van de gemeenschap zijns lichaams en bloeds, waardoor ons vergeving van zonden verworven is. Wie dit erkent, kan geen stuk broods opsluiten of ronddragen in goud of zilver, om het voor den geheelen Christus, God en mensch, te laten eeren en aanbidden. De dooden te willen reinigen van hunne zonden en aan de zaligheid te helpen door wijwater, wierook, vigiliën en zielmissen, verklaart hij onvereenigbaar met het geloof, dat Christus den mensch met zijn bloed alleen van de zonden reinigt en dat buiten hem geen zaligheid is 4). Als wij God alleen mogen aanbidden, moeten wij Maria niet aanroepen 5). Christus is onze eenige middelaar; derhalve moeten wij geen verhooring van God bidden door de gestorven heiligen6). Aan de mis, inzonderheid aan de transsubstantiatie, wordt thans nog een afzonderlijk gedeelte gewijd, waarin slechts zuiver Gereformeerde leeringen verkondigd worden 7). Ook bespreekt hij hier de formeele vraagstukken, zooals de verhouding tusschen de Schrift en de kerk 8), en het getuigenis des H. Geestes aangaande de waarachtigheid der Schrift9), in beslist Gereformeerden geest. Hij verzekert nu, dat hij zijn boek geschreven heeft voor de Hervormingsgezinden die onder het Roomsche juk zuchten, om hen te vertroosten 10).

Keeren wij thans terug tot de boven (blz. 209) besproken vraag, of het waarschijnlijk is dat Cooltuyn de geloofsbelijdenis der Nederlandsche Gereformeerden heeft goedgekeurd. Na de gemaakte

1) Comelis Cooltuyn Timotheo, quat. Bb, fol. ij r en »; hierachter, blz. 227.

2) Aid., quat. Cc, fol. iiij v; hierachter, blz. 237.

3) Aid., quat. Cc, fol. iiij »r; hierachter, blz. 237.

4) Aid., quat. Cc, fol. v'; hierachter, blz. 237.

5) Aid., quat. Cc, fol. v' en »; hierachter, blz. 237 v.

6) Aid., quat. Cc, fol. v »; hierachter, blz. 238. Vergel. over het aanroepen der heiligen : Dat Euaitgeli der Armen, fol. ccxxiiij ccxxvi r, ccxxviij, ccxxix r— ccxxxi v; ccxxxviij; hierachter, blz. 459, 460 v., 462 v., 463-465, 471 v.

7) Tot den Eersamen Leser Van die Misse, quat. Dd, fol. v v—quat. Ee, fol. viij ; hierachter, blz. 245—255.

8) Comelis Cooltuyn Timotheo, quat. Bb, fol. vi», vijf; hierachter, blz. 231.

9) Aid., quat. Bb, fol. vijj'; hierachter, blz. 232.

10) Aid., quat. Bb, fol. i», iy *; hierachter, blz. 226 v., 228.

Sluiten