Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ghedencken. Ende daerom so moeten de woorden Christi int Auontmael, dat is mijn Lijf, ende dat is mijn Bloet, gheestelijck verstaen worden: Want boe mochtet anders bestaen, dat int Auontmael dat broot ende de wijn, te gelijc broot ende wijn, // dat lijf ende Fol. 46 r. bloet Christi, de gcmeynschap zijns lijfs ende bloets, een gedenckteecken zgns lijdens ende doots, een nieu Testament, oft dat bloet des nieuwen Testaments zijn, ende alle schriften genoech gedaen worden? So willen wy nv alle dese schriften ordentlijck besien ende door de ghenade des Heeren grondich verclaren.

Ten eersten, so heeft de Heere Iesus Christus zijn Auontmael met broot ende wijn ingeset, ende dat coemt wel daer mede ouer een, dat hy seluer dat " leuendich broot is, vanden Hemel neder Ioan. 6.d. 33. gecomen, met welcke de siele door dat gelooue geestelijck gespijst wort totten eewighen leuen. Hy is ooc de rechte Wijnstoc van Ioan. 15. a. 1. God zijnen Yader den rechten Ackerman geplant, ende zijn woort is de clare c wijn, met welcke de geloouige siele gelaeft, ende Esaie.55. a.1. inden heyligen Geest verblijt wort. So dickwils als nv de Christenen van dat broot des Auontmaels eten, ende van den wijn drincken,

so worden si hier aen vermaent ende vernieut.

Daer na so heeft Christus na der dancsegginge, dat broot gebroken, zijnen Apostolen ghegheuen, ende gheseyt: Neemt, ende eet,

dat is mijn lijf, dat voor v ghebroken wort, ende om welcker woorden wille vele, beyde, onder de gheleerden ende ongheleerden, ghedisputeert ende ghekeuen is. Yele houden vast daer ouer, dat Christus lijfachtich in dat broot is: Daer mede en stemmen wy niet, ende en verstaen de voorberoerde ') woorden Christi niet letterlijck, maer gheestelijck. De oorsaecken die ons hier toe beweghen, iae dwinghen, zijn vele, van welcke wy // sommige willen Fol. 46 . voorgeuen ende aenwysen.

De eerste is, om dat inder schrift, eten so veele geseyt is als geloouen, also oock drincken vertrouwen,- Maer die spijs, ende die dranc, die gegeten ende gedroncken worden, is dat broot des hemels,

dat woort Gods, die wateren des heyligen Geests, iae dat vleesch ende bloet Christi, Dit altemael is openbaer wt dat seste Capittel Iohannis, daer die Heere also spreect: d Ic ben dat broot des leuens, Ioan, 6. f. 51. wie tot my comt die en sal niet hongeren, ende wie in my gelooft,

die en sal nemmermeer dorsten, Ende noch eens: lek ben dat leuendich broot vanden hemel neder ghecomen, Wie van desen broot eten sal, die sal inder eewicheyt leuen, ende dat broot dat ic peuen sal, i« mija vleesch, welcke ick geuen sal voor dat leuen der werelt. Ende wederom: Mijn vleysch is een rechte spyse, ende

1) „Voorberoerde" is een germanisme (vorberührte). X.

8

Sluiten