Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

so vloot hy alleen van haer gheaelschap, ende ginck na Ierusalem inden Tempel des Heeren, ende daer aenbadt hy den Godt Israels,

ende bracht daer getrouwelijck zijn eerste vruchten ende thienden,

ende oft schoon alle andere van der Heydenen spijse aten, so bewaerde hy hem doch, dat hy hem met de selue spijse niet en verontreynichde.

Desgelijcken so hebben de Propheten, Propheten kinderen, ende veel Godtureesende menschen Gods in Israël (wanneer sy alschoon onder den Godloosen ende Afgoden dienaers gewoont hebben, inden tijt dat Baal ende ander Afgoden der Heydenen in Israël geeert zijn Daniël.3.c. 16. geworden) haer knien, noch des herten, noch des lichaems voor geenen Afgod gebogen, maer sy hebben den God Israels, den Heere des Hemels ende der Aerden, geeert ende aengebeden, ® ende hebben 3- Regum. 18. haer voor de Coningen ende Tyrannen verborgen, ia God heeftse 3 jjegUn) 19 wronderlijck door zijn genade bewaert, gelijck hy selue tot Heliam c ig. gesproken heeft, seggende: b lek heb my seuen duysent manen1) Rom. ll.a.4. la-//ten ouerblijuen, die haer knien voor den Baal niet gebogen Fol.l08r. en hebben.

Item de dappere ende Godtureesende Mathathias, en heeft niet tegen de Wet Gods wt bedwanck des Conincks Antiochi gedaen,

maer als veel wt den volcke Israels, van de Wet afuallich worden,

ende de Afgoden offerden, sprack hy totten boden des Conincks met luyder stemmen: c Wanneer alschoon alle die aen des Conincks l.Maccab.2.c. Hof den Coninck gehoorsaem zijn, vant gelooue, ende de insettinge 19 haers vaders afstaen, bo willen doch ick ende mijn sonen, ende mijn broeders inde wet ons vaders blijuen. Dat verbiet ons God dat wy zijn insettinge verlaten, ende de insettinge des Conincx aennemen.

Wij en willen noch ter rechter noch ter slincker hant afwijeken.

Item de d oude Eleazar, hoe onbewegelijck is hy by de Wet 2.Maccab. 6.c. Gods ghebleuen? hoe trouwelijck heeft hy alle gheueynstheit ende *8 quaden schijn geschout, openbaer bekent, ende gheseyt: Ic wil lieuer voor v steruen, Want het en betaemt mijn Ouderdom niet,

dat ic met geueynstheyt om gaen soude, daer door veel der Ionghen meynen mochten: Eleazar, de tnegeniarige 2) man, waer nv eerst ten laetsten tot een vreemt gelooue ende gebruyc afgetreden, ende worden also om mijn geueynstheyts wille, ende om een cleyn verganckelijc leuens wille bedroghen, daer ick dan mijn Ouderdom een schande opleyde. • Want oft ick nv de pijne ende strafTe der 2.Maccab,6.d. menschen wel ontloopen mochte, so en mach ic doch dat gewelt des almachtigen, noch leuendich noch doot ontloopen. Ende daerom wil ic manlijc steruen, ende doen dat hem mijn Ouderdom//betaemt, Fol.

1) Lees: mannen. X.

2) Lees: tnegentichiarige.

13

Sluiten