Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Kaffer-commando, dat reeds verscheidene uitvallen gedaan heeft. De houding der Kaffers oefent een kwaden invloed uit op den geest der burgers. De vrouwen verkeeren in een allertreurigsten toestand, omdat de blokhuizen het land doorkruisen. Dikwijls moesten de commando's wijken dóór de lijnen, en de vrouwen alleen achterlaten. Als de burgers dan later terugkeerden, vonden zij somtijds dat de vrouwen verplicht waren hare huizen te verlaten, en in sommige gevallen, dat zij op de allergruwelijkste wijze waren aangerand, op zoo een gruwelijke wijze als hij nog nooit van gehoord had.

Sprekende over de getalsterkte, zegt hij, dat er in geheel Transvaal 10,816 man waren, waarvan 3.296 geene paarden hadden. De vijand heeft in den zomer vele burgers gevangen, en sedert Juni 1901 zijn de commando s met 6,084 verminderd. Deze zijn gevangen genomen, of gesneuveld, of hebben de wapens neêrgelegd.

Het getal huisgezinnen bedraagt 2,640.

Alles in een enkel woord samenvattende, eindigt de Com. Gen. met te zeggen, dat de grootste moeilijkheden in betrekking tot de vraagstukken aangaande kost en paarden, en de treurige toestand onzer vrouwen bestonden.

Hoofd-Com. de Wet zegt, dat hij het aan de afgevaardigden, die officieren zijn, zal overlaten verslag te doen. Zij komen van heinde en ver, en weten wat de toestand van zaken is. Hij kan echtet dit mededeelen, dat het getal burgers, in den O. V. S., 6.100 is, waarin ongeveer 400 niet dienstplichtig zijn. De Basuto's zijn ons zoo goedgezind als ooit te voren.

Asst. Com. Gen. De la Rey weet niet wat eigenlijk zijne taak is. Ook hij denkt, dat het de zaak van de afgevaardigden is om verslag te doen. Hij kan echter dit zeggen, dat alles schaarsch is in zijne afdeelingen. Maar dit was het geval een jaar te voren (Hoor! Hoor!!). Als de burger geen kost heeft, moet hij het gaan halen.

Generaal Beyers (Waterberg) zegt, dat hij kort zal zijn. In Zoutpansberg heeft men nog genoeg voedsel. Men ruilt en koopt van de Kaffers. In Waterberg zijn de Kaffers tusschen bast en boom, niet tegen en niet voor ons. In Zoutpansberg zijn zij opstandig, maar, daar er geene samenwerking onder hun bestaat, zijn zij niet te vreezen, en het is altijd mogelijk een opstand onder hen te dempen. Benevens dit ontstaan er moeilijkheden door paarden-ziekte en koorts. Wat graan betreft, er is in zijn distrikten genoeg voedsel

Sluiten