Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en spreekt over de commando's van Potchefstroom onder zijn bevel. In de laatste acht of negen maanden zijn de blokhuizen in zijn district gekomen. Hij had eene opening van twee uur te paard, waar hij bestaan kon. Er was tamelijk gezaaid, maar het gezaaide viel onlangs in handen des vijands. Het graan is heelemaal verwoest — verbrand en vertrapt door de paarden. Er zijn nog 93 huisgezinnen. Op de lijn tusschen Lichtenburg en Potchefstroom zijn er vrouwen van den O. V. S., die in allertreurigsten toestand verkeeren en die bijna vergaan zijn van ellende. Zij hebben gezegd, dat, als het niet beter werd, zij naar Klerksdorp te voet zouden gaan. Hij heeft haar geraden te wacüten tot na den afloop der onderhandelingen. Hij heeft nog 400 bereden manschappen onder zich, benevens 100 voetgangers. Hij zal een tijdje kunnen uithouden, maar dan moet hij uitkomst zoeken.

Generaal du Toit ^Wolmaranstad) zegt, dat eetwaren schaarsch zijn. Er zijn 500 families. De paarden zijn wel zwak, maar hij kan nog, met een draai, zich uit een moeilijkheid redden. Zijne commando's zijn klein — 450 ruiters. Het vee is in goede conditie, maar het graan schaarsch.

Com. de Beer (Bloemhof) deelt mede, dat bij hem nog 444 ruiters en 1Ó5 voetgangers zijn. Graan is niet volop, ook niet vee, maar bioemhof had nooit veel vee. De families hebben tot hiertoe geen gebrek te lijden gehad. Hij kan nog een jaar uithouden.

Generaal Kemp rapporteert, dat hij onder zich heeft Krugersdorp, Rustenburg en gedeelten van Pretoria en Johannesburg. Men kan niet meer zaaien in het distrikt vani Krugersdorp, en het meerendeel van 't vee is afgenomen. Toch is er geen gebrek. Dit behoort, trouwens, niet te zijn als hij een groote commissariaat heeft van waar hij is tot aan Zoutpansberg waar Gen. Beijers bevel voert. Hij neemt wat hij noodig heeft van de kaffers, — maar het is niet hun eigendom : hij neemt slechts terug wat den burgers toekomt. Hij kan nog twee jaren aanhouden.

Hoofd-C om. de Wet vraagt daarop: Waarom kunnen de oostelijke deelen van de Transvaal niet doen zoo als Gen. Kemp en het hunne van de kaffers nemen?

De Com. Generaal geeft ten antwoord, dat het onderscheid daarin bestaat, dat de kaffers in de oostelijke deelen in verbond met de Engelschen zijn. Ook hebben zij alles wat zij buit

Sluiten