is toegevoegd aan uw favorieten.

De schoonheid van de vrouw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Fig. 75. Meisje uit Weenen van 17 jaren. (Photographie van O. Schmidt).

kan de proporties van de figuur tot de hoofdlengte bepalen (vgl. Fig. 70).

Wanneer men de hoofdlengten naast de figuur op een maatstok overbrengt, dan blijkt ook hier dat de lichaamslengte slechts weinig minder is dan acht hoofdlengten. Stelt men zich de figuur in rechte houding voor, dan moet de verhouding ongeveer 7:i l( zijn. De lengte der beenen bedraagt vrij nauwkeurig vier hoofdlengten, zoodat het midden van het lichaam nog onder de bovenste grens der schaamharen komt te liggen.

De lijn van de breedte tusschen de schouders, van de taille en de heupen, is op de figuur met gepointeerde lijnen aangegeven; op de bovenste lijn is de vermoedelijke ligging der gewrichten evenals de buitenste schouderbreedte, bij neerhangende armen, door kruisjes aangeduid. Door meting kan men zich overtuigen, dat de verhouding van de drie maten aan de eischen voldoet, te meer daar