is toegevoegd aan uw favorieten.

De hygiëne in het schoolleven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

len enz. of van een ontsteking van het gehoororgaan, den neus of de keel.

Wil men onderzoekeD of het kind al of niet doof is, dan moet men dit niet doen door in de handen te klappen of met den voet te stampen, want deze schokken of geruischen kunnen door een zéér doof kind wel is waar niet gehoord, maar wel gevoeld worden. Gewoonlijk plaatst men het kind op een afstand van 4 meter en spreekt het met fluisterstem tweelettergrepige woorden toe die het kind na moet zeggen of schrijven; het andere oor late men met de vlakke hand afsluiten.

Kinderen met verminderde gehoorscherpte plaatse men vooraan in de klasse, le omdat het kind beter de stem van den onderwijzer hooren kan en 2e omdat het beter in de gelegenheid is de woorden als het ware van den mond van den onderwijzer af te lezen. Merkwaardig is het, hoeveel men hiermee bereiken kan.

De voorbeelden zijn niet zeldzaam dat menschen die zoo doof zijn, dat zij niet het minste geluid onderscheiden, toch in staat zijn een geregeld gesprek te voeren met anderen, alleen door aan de beweging van de lippen te zien welk woord uitgesproken wordt.

Heeft een kind een verminderde gehoorscherpte, dan kan dit o. a. het gevolg zijn van verzwering van het gehoororgaan, van ontsteking van de neus-keelholte, van adenoïde vegetaties, van te groote amandelen enz.

Als het gehoororgaan aan één of aan beide zijden zóó ontstoken is geweest, dat de gehoorbeentjes geheel of gedeeltelijk vernietigd zijn, kan doofheid aan één of aan beide ooren hiervan het gevolg zijn. De onderwijzer kan in dergelijke gevallen niet anders doen dan rekening houden met de aanwezige doofheid en den leerling een doelmatige plaats geven.