is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der gerechtelijke geneeskunde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

krachten voortbewogen, door elkander minstens 35 paal. en mol andere transportmiddelen

over land minstens 18 paal per dag moeten afgelegd worden.

Hij reizen langs binnenwateren of gedeeltelijk in stoomspoorwagens, gedeeltelijk mei andere middelen van vervoer, beoordeelt het hoofd van plaatselijk bestuur, door wiens gel,ied de getuige reist, in billijkheid, welke afstanden per dag kunnen worden afgelegd, en teekent dit aan op de akte van oproeping van den getuige.

Ite hellt der verblijfkosten wordt uitgekeerd voor den dag. waarop de getuige op zijne

"f verblijfplaats terugkeert, zoomede voor reizen, die naar het oordeel der rechterlijke

autoriteit, die begroot, zonder bezwaar op denzelfden dag been- en terug kunnen worden afgelegd.

Geene aanspraak op schadeloosstelling wegens verblijfkosten kan worden gemaakt over de dagen, waarop de getuige aan boord van een stoom- of zeilschip nachtverblijf heeft moeten houden, tenzij hij aldaar in zijne voeding heeft moeten voorzien.

Art. 5. Voor de berekening van den afstand worden de ofticieele afstandwijzers gevolgd, en. waar deze ontbreken, de opgaven van de hoofden van plaatselijk bestuur, door wier gebied de getuige reist.

Art 6. f)e hoofden van plaatselijk bestuur teekenen op de akte van oproeping van den getuige a datgene aan, hetwelk bij de begrooting van het bedrag der schadeloosstelling tot leiddraad kan strekken.

Ite rang en de stand van den getuige, wanneer de tegemoetkomingen krachtens de artikelen 3 en 4 behooren te_ worden berekend, worden beoordeeld door de rechterlijke autoriteit, die volgens artikel 7 de aan den getuige verschuldigde schadeloosstelling begroot.

Art. 7. Voor zooverre de bepaling van hel bedrag der vergoeding niet hij vonnis moet geschieden, wordt de aan den geluige toe te kennen schadeloosstelling begroot door de

rechterlijke autoriteit, ten behoeve van welke de getuige is opgekomen, ingevolge daar door

de bevoegde macht gedane oproeping.

Is die autoriteit eeu college, dan geschiedt de begrooting door den voorzitter.

Ite rechterlijke autoriteit, met de begrooting belast, kan zich, indien zulks niet Is

l'hjkl uil de 111 hel vorig artikel bedoelde aanteekeningen, ten aanzien der door den getuige gebruikte vervoermiddelen doen voorlichten door de hoofden van plaatselijk beslui,r. door wier gebied de getuige heeft gereisd.

Ite rechterlijke autoriteit, die de schadeloosstelling van den getuige heeft begroot zoi"t

', 1 i!,j terslond 101 getaxeerde bedrag aan den getuige wordt uitbetaald Jit

de i" artikel 8 bedoelde fondsen, c. q. met verrekening van het aan den getuige ingevolge artikel 10 verleende voorschot.

Waar de dadelijke uitbetaling niet mogelijk is. geschiedt de betaalbaarstelling na overlegging der begrooting, door den tot het afgeven van ordonnantiën of mandaten op 's I ands kas bevoegden ambtenaar.

Pe autoriteit, die begroot heeft, is aansprakelijk voor alle afwijking of verkeerde loepassing der bepalingen van dit tarief, behoudens haar verhaal op den getuige, die meer dan hem rechtens toekwam, ontvangen heeft.

In buitengewone gevallen, waarin de mildste toepassing van dit tarief niet in evenredigheid tol de gedane uitgaven zou staan, kan de rechterlijke autoriteit, met de begrooting der schadeloosstelling belast, door den Gouverneur-Generaal tot afwijking gemachtigd worden, op baar daartoe door tusschenkomst van den Directeur van Justitie gedaan voorstel.

Art. 8. Aan de grilliers van rechterlijke colleges en aan alleen rechtsprekende rechters, zoomede aan de rechters-commissarissen uit de raden van justitie en aan de Inlandsche ambtenaren van het Openbaar Ministerie kunnen naar gelang van de behoefte, voorschotten worden verleend, teneinde aan de getuigen, zoo spoedig mogelijk na het afleggen hunner getuigenis en na de begrooting hunner schadeloosstelling, het bedrag daarvan uit Ie betalen.

Bij de uitbetaling teekent de getuige de hegrooting voor voldaan, en wordt dat stuk voorts met de akte van oproeping en andere bewijsstukken bij de verantwoording van het voorschot overgelegd.

GERECHTELIJKE GENEESKUNDE. a