is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der gerechtelijke geneeskunde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dering en vindt men gewoonlijk in de omgeving een geringe bloedige infiltratie van het losse bindweefsel. Itij gesneden en gestoken wonden is de suffusie in het algemeen dan ook geringer dan hij gekwetste wonden; hij afgescheurde ledematen kan zij in de wond gering zijn, doch bestaat zij altijd in de naaste omgeving op meerdere doch kleine, scherp omschreven plaatsen.

Iedere meetbare suffusie bewijst bij groote gapende wonden haar intrnvilaal ontslaan. Waar zij ontbreekt, behoeft de wond niet per se postmortaal toegebracht II zijn, in zoon geval laat zich het vitale karakter niet bewijzen; meer kan men niet zeggen.

Suhcutane bloeduitstorting, door de huid heen zichtbaar, ontstaat aan bet lijk nog door stom]» geweld bij verwonding 2 uur na den dood, doch slechts op plaatsen, waar een matige hoeveelheid vet de huid van een beenige onderlaag scheidt; zelden ontstaat zij bij sterken panniculus adiposus en nooit waar de huid direct op been ligt (Devergie).

Bloedingen onder invloed van hypostase en postmortaal bloedtransport geschieden onder een veel geringeren druk en zullen derhalve nooit aanleiding geven tot zeer uitgebreide bloedige infiltratie der omgeving.

In aanraking met de lucht stolt menschenbloed in korter of langer lijd, hetgeen nog al wisselt; zelfs voor proefjes bij hetzelfde individu achtereenvolgens uit hetzellde vat afgetapt, zijn de schommelingen in den stollingstijd vrij groot. Gemiddeld stolt het bloed geheel binnen 5 tot 8 minuten, doch soms duurt het '/4 uur, voordat hel stollingsproces is afgeloopen. Lijkenbloed stolt eveneens aan de lucht, zelfs asphyxie-bloed, tenzij men het absoluut zuiver opvangt.

Normaal bloed, uitgestort in normale sereuse holten, behoeft niet te stollen. Gewoonlijk vindt men het volgende:

In het pericard treedt constant stolling op met veel fibrine-afscheiding, zoodat een stevig stolsel gevonden wordt, gewoonlijk omgeven door een slechts weinig gekleurd serum.

In de pleurale holten vindt men in den regel hetzelfde, doch soms gedeeltelijk losjes gestold en gedeeltelijk nog vloeibaar bloed.

lil de peritoneale holle blijft in den regel bet grootste gedeelte van het bloed vloeibaar, zoowel wanneer de persoon aan de bloeding als zoodanig snel ten gronde gaat, als wanneer bij later aan een opgetreden peritonitis bezwijkt; het gedeelte, dat gestold is, vormt een week, gemakkelijk fijn Ie wrijven coagulum.

In de subarachnoïdale-ruimten stolt bet geheel, of wordt bet dikvloeibaar.

Een epidurale bloeding wordt altijd gestold gevonden, zonder dal serum wordt uitgeperst.

In .gewrichten kan bet bloed een week vloeibaar blijven.

Wat betreft de stolling van het in een weefsel geëxtravaseerde bloed,