is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der gerechtelijke geneeskunde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

slechts ontstaan hij de z. g. n. oxsificatie-defecten, dat zijn ronde, ovale of meer onregelmatige, papierdunne gedeelten in liet been; naar den rand neemt liet been geleidelijk in dikte toe. Vooral aan de pariëtalia len aan het occipitalej komen zij voor en wel tusschen tuber pariëtale en sutura sagittalis (achterste helft). Trekt men het epicranium en de dura van het beentje af. dan blijken deze vliezen het defect in het midden opgevuld te hebben. Het defect kan de grootte van een kwartje hebben. Ook aangeboren lineaire defecten komen voor; op deze zullen wij bij de bespreking van kindermoord door het inslaan van de hersenen nog terugkomen.

Was de baring door een bekkenvernauwing (platvernauwd bekken)zeer moeilijk, dan moet de mogelijkheid worden toegegeven, dat dergelijke tissuren (zelfs van meerdere c.M. lengte!) en fractuur van den rand der wandbeenderen door en tijdens de baring kunnen ontstaan zijn. ofschoon liet zelden geschiedt. Onderzoek van het bekken der moeder is derhalve in dergelijke gevallen absoluut noodig, om eventueel het ontstaan door de baring te kunnen uitsluiten. Ook het verhaal van het verloop der baring hebben wij hiertoe noodig: eveneens hebben wij te letten op de configuratie van liet kinderhoofd. In zijn conclusie moet men zich echter zeer voorzichtig uitdrukken. daar men ook fissuren en randfracturen door tetanus uteri heeft zien ontstaan, bij normale verhouding van hoofd en bekken; dit feit maant tot groote voorzichtigheid.

Men zal echter met dit alles in een geval van vermoedelijken kindermoord niet licht te maken hebben. Een baring, welke dusdanige laesies doet ontstaan, verloopt in den regel langzaam, is daardoor niet geheim te houden en zal dan ook niet licht door kindermoord gevolgd worden; die wordt blijkens de ervaring, opgedaan in alle landen, zoo goed als altijd gepleegd, indien de zwangerschap onbemerkt bleef en de baring heimelijk en snel kon geschieden.

I indt mi n zeer uitgebreide en m idtipele, niet tot de, puriëtalia beperkte fnuturen met < orrespondeerevde uitgebreide laesie* der iceeke schedelbekleed•seten (hersenrliezen en herxenx), dim mort men ((/innemen, dut zij na de geboorte moedwillig zijn toegebracht.

Zijn de uteruscontracties zeer sterk, dan kan liet hoofd zóó sterk tegen piomontorium fit svmphysis aangedrukt worden, dat een groefvormige of een trechtervormige deuk ontstaat (rinnenfórmige Einbiegung; lóffelförmiger Eindrueki. welke zich gewoonlijk in een der frontalia of parifttalia bevindt; ook overgangen tusschen groef- en 11 ei literv 01 mige deuken komen voor. Hij ongunstige hoofdligging en bij bekkenvernauwing ziet men ze meermalen, zeer zelden echter bij normale bevallingen. Zij kunnen blijven bestaan, doch ook na het passeeren van de vernauwde plaats door de elasticiteit van den schedel vanzelf weer verdwijnen.