is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der gerechtelijke geneeskunde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het voor- en .achterstel op met somnolentie, flliforme pols, pijnlijke dyspnee, drogen neus en sterke mydriasis; na toediening van een braakmiddel werden 8 veldmuizen uitgebraakt, waarvan één half verteerd; onder toediening van morphine en klysmata was de hond in 4 dagen genezen.

Arsenik.

De lethale dosis is voor een matig grooten hond, dat is een hond van 10 25 K.G.,

0,100—0,200 g.; volgens Gerlach (') verdraagt echter een hond. zonder nadere aangifte van de grootte, deze dosis („meerdere greinen") heel goed.

Daar een moordenaar, om zeker van zjjn zaak te zijn, gewoonlijk een flinke dosis warangan in het eien, enz. doet, is de kans, dat een hond zulk een kleine hoeveelheid binnenkrijgt al heel groot, De opgegeven hoeveelheid is toch niet meer dan het weinigje, dat men op de punt van een mes krijgt, wanneer men een weinig zout neemt bh' het eten van een ei.

Bij den hond treden, door een massieve dosis arsenik, op: braken, pijn, onrust, verlamming van het achterstel, algemeene spierzwakte, dyspnee en ten slotte koma, soms' met lichte coniulsiën; diarrhee treedt niet of eerst laat op, terwijl obstipatie het gewone is.

Carbolzunr.

Dosis lethalis 2—7 g.: evenals bij andere dieren ontstaan ook bü den hond eonvubsiën.

Sublimaat.

Dosis lethalis volgens Csokor, die haar het hoogst neemt, 0,250—0,500 g.; in het algemeen is de hond weinig gevoelig voor dit vergif, doch meer dan de kat.

Naast de gewone verschijnselen, welke wij ook bij den menscli waarnemen, hevige gastro-enter itis, stomatitis, colitis, nephritis amta en tremor en, tred»n bovendien af en toe nog op hoest, bronrhobtenorrhee en uitslag.

Azynessence.

Over de dosis, welke van dit vergif noodig is, om tot intoxikatie te leiden, is voor den hond en andere huisdieren niets in de litteratuur te vinden.

Koperzouten.

Volgens Froehner verdragen honden maanden lang 0,100—1 g. kopersulphaat, dagelijks onder hun eten gemengd, zonder eenig verschijnsel te vertoonen; een hond, welke iederen dag 4 g. onder zjjn eten kreeg, vertoonde, doch eerst nadat het experiment meerdere weken lang geduurd had, emaciatie en diarrhee.

Csokor geeft echter als dosis lethalis voor kopersulphaat 0,600 g. en voor groenspaan 0,1°°—1 g; op. Dit klopt meer met hetgeen bü Orfila te vinden is, ofschoon de mogelijkheid niet is uitgesloten, dat men in zijn proeven ook met de werking van arsenik te doen kan hebben gehad, zooals duidelijk zal zijn, wanneer men naleest hetgeen wij later bij de bespreking der koperintoxikatie in het midden zullen brengen.

Orfila zegt, dat bijna alle dieren (honden), welke men 0,750—1 g. groenspaan doet innemen, hetzij alleen, hetzij onder het eten gemengd, binnen korten tijd sterven onder braken en bijna altijd kort voor den dood optredende tetanische krampen, waardoor de dieren geheel stijf worden. Drouard zag in zijn proeven met evengroote doses hetzelfde, doch bovendien loos braken en het optreden van een bloederige diarrhee, waarvan Orfila' niet spreekt. De dood trad bjj zjjn dieren in ongeveer 24 uur in.

Cantharidine.

Als dosis lethalis wordt opgegeven 0,500-1 g., derhalve overeenkomende met 70—140 g. andol'-kevers, rekenende op een gehalte van 0.7 °/0 cantharidine. Een dergelijke enorme dosis zal een hond niet licht met een restant eten of met braaksel binnenkrijgen, zoodat lijj niet licht een cantharidine-intoxikatie hierdoor zal krijgen.

(') Gerlach, Handbuch der gerichtlichen Thierheilkunde, 1862.