is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der gerechtelijke geneeskunde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bij de afdrijving pathogone mikroben in de baarmoeder werden geënt, moet de zaak ook van dezen kant worden bekeken. In het algemeen luidt derhalve de vraag of infectieuze processen (kraamvrouwenkoorts; kraambeen), welke bij een miskraam optreden, per se wijzen op misdadig ingrijpen of dat dit niet het geval is.

Het zijn voorgekomen van een dergelijk proces kan uit het verhaal der vrouw (uit de verhooren van andere personen) blijken. Wanneer zij tot aan de miskraam gezond was, met name geen klachten had over den onderbuik, doch een paai- dagen na de miskraam ziek werd met koorts, koude rillingen en pijn in den onderbuik, resp. met koorts, koude rillingen en het zeer stinkend, wankleurig en gering worden van den kraamvloed, dan wel een dik. pijnlijk been kreeg, heeft zij hoogstwaarschijnlijk geleden aan een der hierboven genoemde processen.

Daar het exsudaat na para- en na perimetritis weken tot maanden noodig heeft om geheel te verdwijnen, bestaat er in zulke gevallen kans, dat het later bij het onderzoek der vrouw nog is te vinden (parametraan, doch ook wel boven het lig. inguïnale: retro-uteriene), waardoor dan met vrij groote zekerheid de diagnose kan worden gesteld op het in aansluiting aan de miskraam doorgemaakt zijn van genitale infectie. Hetzelfde geldt voor de nog langen tijd bestaande zwelling na een kraambeen. Zekerheid van misdadig ingrijpen verschaffen deze afwijkingen echter in geenen deele en wel om de volgende redenen.

Ofschoon ongetwijfeld een ernstige infectie bij een miskraam, krachtens de ervaring, zoo goed als uitsluitend wordt gezien, waar door misdadig ingrijpen pathogone mikroben werden geënt in de inwendige geslachtsdeelen. zoo komt zij ook voor door andere oorzaken, zij het dan ook bij uitzondering. Maar niet zoo zeer de ernstige, als wel de meer goedaardige infecties moeten in den aangegeven zin hier worden besproken, juist de lichte ge\allen, daar de zware nog al eens op den dood uitloopen (acute, (liffitze peritonitis; xeptichannic, resp. wptico-pyacniir) en zij derhalve sub B nader ter sprake zullen komen.

In de eerste plaats kan de vrouw worden geïnfecteerd door het doormaken \ an de miskraam op een vuile saroeng, bij de reiniging erna aan de put, door het zich reinigen na defaecatie of mictie (tjebok), door het dragen van een vuile saroeng na de miskraam, enz., alles gevallen van spontane infectie, welke niet veelvuldig voorkomen, want anders zou in liet algemeen een miskraam de Inlandsche vrouwen veel meer moeten aangrijpen, dan blijkens de ervaring wel het geval is. Maar toch moet met al deze mogelijkheden van infectie in foro ter dege rekening worden gehouden.

In de tweede plaats kan infectie optreden door de hulp, welke een doekoen verleent, of doordat de vrouw zich zelve een tampon van daoendaoenan e.d. inbrengt, derhalve zonder dat eenig misdadig opzet in liet