is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der gerechtelijke geneeskunde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in dl. II werd geleerd over de diagnostiek van intoxikatie aan de lijktafel; dezelfde eischen moeten natuurlijk ook hier worden gesteld (dl. II, bl. 121, 171 en 188 e. v.). waarbij het medegedeelde op bl. 70—95 te pas komt.

Werd een physisch (imrendig mechanisch) middel toegepast en kwam de vrouw hierdoor te sterven, dan vindt men in de overgroote meerderheid der gevallen als doodsoorzaak een of ander infediens proces (kraamvrouwenkoorts); veel zeldzamer treedt de dood op door verbloeding en hoogst zelden door embolie van de art. pulmonalis. Al deze doodsoorzaken kunnen ook, zooals reeds werd opgemerkt, bij een gewone miskraam voorkomen, iets waarop wij sub 3 nader moeten ingaan. Hier, ter beantwoording van de 1-e vraag, doet het er niet toe of de doodsoorzaak afhankelijk is van de oorzaak van de miskraam of niet.

Over de herkenning aan de lijktafel van dood door een of anderen vorm van kraamvrouwenkoorts (de voor den rechter begrijpelijke uitdrukking) een enkel woord, in aansluiting aan hetgeen in de lessen over diagnostiek aan de lijktafel over de herkenning van de puerperale infecties werd geleerd.

Het meest zal men als doodsoorzaak aantreffen een endometritis en metritis puerperalis, met secundaire acute diffuse peritonitis of met secundaire septic/iaemie of pyaemie, resp. septico-pyaemie. Yeel zeldzamer treedt de dood in door primaire septichaemie (septico-pyaemie), zonder dat makroskopisch aan de inwendige genitaliën duidelijke afwijkingen bestaan. Ook een puridente parametritis met uitbreiding op het losse retroperitonaeale bindweefsel (perinephritis purulenta, enz.) kan den dood veroorzaken.

Moestal is de acute endometritis, welke in het lijk van kraamvrouwen wordt aangetroffen, zoo niet overal dan toch op de aanhechtingsplaats deiplacenta, van pseudomembraneuzen en wel van diphtlierisclien aard. De grijswitte tot grijsgele vlekken op de binnenvlakte van den uterus zijn niet met den waterstraal weg te spoelen on op doorsnede vertoont het slijmvlies min of meer diep (1—meerdere inM.) dezelfde kleur (nekrose). Hierdoor onderscheiden zij zich van decidua-resten. welke bij oppervlakkige beschouwing ermede kunnen worden verwisseld, doch knnnen worden weggespoeld, terwijl het slijmvlies eronder normaal is.

Het meest gewone beeld is, dat op de plaats, waar de placenta heeft gezeten en veelal ook op het er mede in aanraking zijnde gedeelte van den er tegenover gelegen wand, de ontsteking is van nekrotiseerenden en, van het overige deel van de binnenvlakte van het corpus uteri, van suppuratieven aard. Het geheel vormt een zeer karakteristiek pathologisch-anatomisch beeld. Ook de rtigae vaginales kunnen genekrotiseerd zijn.

Minder vaak ziet men een gangraeneuze endometritis; de diagnose wordt echter nog al eens ten onrechte gesteld, door niet voldoende te letten op de kenmerken van gangraen: stank, wankleur en vervloeiing (flarden bij opgieten van water). Zij wordt nog het meest gezien, waar de afdrijving gepaard ging met verwonding.