is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der gerechtelijke geneeskunde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zoo goed als altu'd heeft men b(j een dergelijke beschuldiging, als hier wordt ondersteld, te maken met een hysterica, die zelf misschien te goeder trouw is, of wel met chantage. Het verhaal, dat wordt gedaan, zal dan ook in str(jd zijn met de voorafgaande opmerking, met de door honderden artsen dagelijks opgedane ervaring.

Wel is het een feit, dat vrouwen tijdens de narkose wellustige droomen kunnen hebben en na het ontwaken meenen misbruikt te zijn. Op grond hiervan wordt af en toe een aanklacht tegen den geneesheer ingesteld (derhalve: nooit pen vronir narkotiseereu zonder assistentie van een derde!)

De dagelijksche ervaring bij Je toediening van narkotica (en hypnotica) leert twee belangrijke punten, welke aan leeken onbekend zijn, zoodat bij bedrog het verhaal van de vrouw niet klopt met hetgeen in een werkelijk geval woidt waargenomen.

Die twee feiten, waarop men terdege moet letten, wanneer men het verhaal der vrouw naar waarde wil schatten en welke reeds hiervóór ten opzichte van de hypnotica werden aangestipt, zijn:

1°. er is geen enkel narkoticum (en hypnoticum) bekend, dat bij inademing (of bij inwendig gebruik) ineens narkose (slaap; doet intreden, zonder dat andere intoxikatie-verschijnselen voorafgaan en

2°. er is geen enkel narkoticum (en hypnoticum) bekend, dat, na te hebben uitgewerkt, in eens volkomen frisch doet ontwaken.

Wanneer de vrome vertelt, dat zij in eens in slaap is gébracht door liet doen ruiken aan iets of na het drinken ran eenig rockt, verdient haar verhaat geen geloof.

Dit is eveneens het gerat, wanneer zij vertelt uit den slaap ineens volkomen frisch te zijn ontwaakt en turn dit of dat te hebben bemerkt.

Van de toediening met succes van een aphrodisiacuiii (andoP), om zoodoende de vrouw tot cohabitatie te brengen, is bij normale vrouwen geen goed geconstateerd geval bekend, wel bij hystericae (o.a. het geval van Vibeht, medegedeeld in dl. II, bl. 332, noot 1): daar ter plaatse werd niet vermeld, dat het een gedegenereerd, anaemiseh en hysterisch meisje betrof, dat geen groote verstandelijke ontwikkeling had.

Wat de kwestie betreft van de mogelijkheid van cohabitatie met een vrouw, wier vrije en bewuste wil is opgeheven door hypnose, het volgende. Hierbij zal vrijwel geheel worden gevolgd, hetgeen Brouabdel in een van zijn gereclitelijk-geneeskundige werken erover schreef ('j.

Wordt er beweerd, dat de bijslaap tijdens hypnose is uitgeoefend, dan heeft de gereclitelijk-geneeskundige alleen te onderzoeken, of de vrouw of hetmeisje hypnotiseerbaar is en, zoo ja, in welke mate zulks het geval is. De rest is de zaak van den rechter (bl. 291).

Dat de mogelijkheid bestaat, dat een vrouw kan worden gehypnotiseerd en daarna verkracht, kan niet worden ontkend, ofschoon er in de geheele litteratuur slechts eenige gevallen te vinden zijn, waarvan enkele zelfs een twijfelachtige waarde hebben.

') Brouardel, Le Mariage, 1900. bl. 211 e. v., aangevuld met hetgeen hij ter zake zegt in zijn Les Attentats aux Moeurs, 1909, 1>1. 106 e. v.

Het feit, dat tegenwoordig de inzichten van Charcot zijn vervangen door die van Bernheim e. a., doet niets af aan de praktische waarde van Bhouardei.'s overzicht.