is toegevoegd aan uw favorieten.

De chemische artikelen van de vierde uitgave der Nederlandsche Pharmacopee (anorganische gedeelte)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet schaadt (zie Phurm. Weekbl., HJ04, bl. 1210 en 1231).

Een geschikte aanvulling van het onderzoek der Pharmacopee zou hier wel zijn eene waterbepaling in het zout door droging by ongeveer 1500 c. Met het oog op het wateraantrekkend vermogen zou een watergehalte van 1 pCt. (evenals b« natriumchloride en jodide) hier kunnen worden toegelaten.

Sulfas natricus.

In de beschrijving is, behalve het kristalstelsel, nieuw toegevoegd eene aanduiding van het sméltverschijnsel dat hier reeds bij zachte verwarming optreedt. Het is het zoogenaamde „smelten in hun kristalwater" dat deze waterrijke kristallen bij 33<> doen; d. w. z. zij vormen dan eene bij die temperatuur verzadigde waterige oplossing onder afscheiding van een weinig van een lager hydraat. Door verdere temperatuursverhooging gaat ten slotte al het water verloren en het anhydrische natriumsulfaat smelt pas bij roodgloeihitte.

De oplosbaarheid is in de nieuwe Pharmacopee bij 150 nauwkeuriger aangegeven n. 1. 1 : 2,7, maar bij 1000 (zie Ed. III) niet meer opgegeven. Volgens de Amerikaansche Ph. bedraagt zij nauwkeurig bij 330 1 : 0,25 en bij 10C0 1 ; o,4.

Nieuw opgenomen zijn de volgende reacties:

Op kalium, evenals bij de andere natriumzouten (zie bij natriumchloride dit weekbl. bl. 52;.

Op ammonium. Over de uitvoering en de gevoeligheidsgrens dezer proef, zie dit Weekbl., bl. 127-128.

Op arsenicum. Over de uitvoering en de gevoeligheidsgrens dezer proef, zie dit Weekbl., bl. 57—67.

Ten slotte rest my nog te wijzen op de beruchte laatste alinea van dit artikel, waarop ik reeds in Pharm. Weekbl. 1908, bl. 543 in een noot de aandacht heb gevestigd. Ik meende toen nog dat met een „gelijke" hoeveelheid misschien eene gelijkwaardige (dus de helft in gewicht^ bedragende) en niet eene gelijkwegende hoeveelheid bedoeld werd. Nadat evenwel in het uitgekomen verbeterblad op de Pharmacopee niets aan deze zinsnede is veranderd en mij bovendien van een der leden der Pharmacopeecommissie persoonlijk een schrijven gewerd, waarin word bevestigd dat zeer stellig een gelijke, dus gelijkwegende, hoeveelheid Uitgedroogd Natriumsulfaat bedoeld wordt in de plaats te geven van de in poedermengsels voorgeschreven hoeveelheid Natriumsulfaat, kan ik niet nalaten hier nogmaals nadrukkelijk tegen deze clausule in de Pharmacopee te protesteeren. Het lijkt m\j zeer twijfelachtig of zelfs de Pharmacopee wel het recht heeft om willekeurig de hoeveelheid van een voorgeschreven geneesmiddel (hier NaaS04) te verdubbelen zonder daarvan kennis te geven aan den medicus en ik acht den apotheker alleen gerechtigd om in poedermengsels het voorgeschreven