is toegevoegd aan uw favorieten.

De chemische artikelen van de vierde uitgave der Nederlandsche Pharmacopee (anorganische gedeelte)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan dat het bijna helder oplost.

Permanganas kalicus.

De oplosbaarheid kan aangevuld worden met die in water van 100° zijnde 1 : 3 (Germanica, Americana).

Niéuw opgenomen is de identiteitsreactie (2de alinea) waardoor ten overvloede hier nog wordt vastgesteld dat men met een kaliumzout te doen heeft. Absentie van natrium wordt echter niet geëischt.

Nieuw is ook de reactie op nitraat en chloraat in het door veiwarming met spiritus van mangaan bevrijde Altraat. Deze verontreinigingen kunnen van de bereiding afkomstig zijn.

De titratie eischt een veel te laag gehalte voor zulk een gemakkelijk van groote zuiverheid te bereiden zout. Het theoretisch titercijfer voor 100 mG. zou bedragen 31,61 cM3. Het vereischte 30,9 als minimum komt dus overeen met een minimum-gehalte van 97,7 pCt. Men mag echter veilig van het tegenwoordige handelszout een minimumgehalte van 99 pCt. verwachten.

Ammoniumzouten.

Die van anorganische zuren, welke de Pharmacopee vermeldt zijn het chloride, het bromide en het carbonaat.

Chloretum ammonicum.

Aan de beschrijving van dit zout en aan de identiteitsreacties is weinig veranderd. Aan de oplosbaarheid zou nog toegevoegd kunnen worden dat die in kokend water 1 : 1 bedraagt. (Germanica).

De omschrijving van de reactie der waterige oplossing is schijnbaai veel nauwkeuriger geworden. In de Ed. III heette het alleen dat zij neutraal of zwak zuur moet zijn. In de nieuwe Ph. is die zwak zure reactie gelimiteerd tot 0,0005 N , evenwel zonder vermelding van den indicator waarop dit moet worden geconstateerd. De zaak is deze dat de waterige oplossing van zuiver ammoniumchloride altijd tengevolge der hydrolytische dissociatie die het zout ondergaat, een zwak zure reactie vertoont. De door de Ph. gebruikte oplossing van 1 G. in 10 cM3. is zeer nabij 2 N. en de dissociatieconstante van ammonia is 2,3 X 10"5. Uit deze gegevens laat zich berekenen dat de genoemde oplossing van zuiver ammoniumchloride een concentratie aan H ionen zal vertoonen van 3 X 1 of 0,00003 N. Deze zwak zure reactie is alleen aantoonbaar dooi lakmoes of indicatoren die meer zuurgevoelig zijn dan deze (zie Chem. Weekbl. 1006, n°. 47). Zij verdwijnt natuurlijk stellig dooide hoeveelheid loog die de Ph. laat bijvoegen en die ongeveer 17 maal grooter is dan noodig om de zure reactie eener 10 pCt. oplossing van zuiver ammoniumchloride op te heffen.

De bedoeling der Pharmacopee zal wellicht zijn (evenals die dei Ed. III) om deze reactie der waterige oplossing als een der eigen-