is toegevoegd aan uw favorieten.

De chemische artikelen van de vierde uitgave der Nederlandsche Pharmacopee (anorganische gedeelte)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die anders in 40 of 50 cM::. eener waterige oplossing als carbonaat zou voorkomen. Ten gevolge van de geringere dissociatie in eene alkoholische oplossing zou echter vermoedelijk de reactie geen grootere gevoeligheid bezitten, indien de reactie werd uitgevoerd (zie Germ.) met Curcumatinctuur in de alkoholische oplossing. Nu evenwel onze Pharmacopee dit heeft gewijzigd en laat reageeren op curcumapapier is de proef echter geheel bedorven en zelfs niet in staat om groots verontreinigingen (van 10 pCt. en meer) alkalisulfaat aan te toonen. Dit is het gevolg hiervan dat spiritus alleen (blanco proef) op curcumapapier gebracht ook een roodbruinen rand verwekt, vermoedelijk doordat de curcumakleurstof wordt uitgespoeld en zich ophoopt aan den rand van den druppel. Wil men het alkali op curcumapapier aantoonen dan dient de spiritus eerst verdampt en het residu in water opgenomen te worden. Echter kan men dan even goed de gewijzigde reactie der Ed. III aanvaarden.

Evenals bij andere sulfaten is hier de reactie op arsenicum (zie dit Weekbl., bl. 57 — 67) nieuw ingevoerd.

Over Sulfas magnesicus exsiccatus, dat ter bereiding van poedermengsels evenveel recht van bestaan heeft als Sulfas natricus exsiccatus, maar dat de Ph. niet heeft opgenomen, verwijs ik naar Pharm. Weekbl. 1906, bl. 541 — 542.

DE ZINZVERBINDINGEN.

Ozydum zincicum. / _ x

Hoewel beschrijving en identiteitsproef onveranderd zijn gebleven, mag nog wel eens den nadruk gelegd worden op de eigenschap, dat zinkoxyde een zeer zacht poeder moet zijn. Preparaten, die bij het fljndrukken blijken min of meer harde klontjes te bevatten zijn te verwerpen als bijv. ongeschikt voor de bereiding van een deugdelijke zinkzalf.

Als nieuwe eisch van zuiverheid wordt genoemd dat de oplossing in salpeterzuur kleurloos zijn moet en helder (? silikaten van de kroes, waarin gegloeid werd).

De wijze van uitvoering der zuiverheidsreacties is verder meer quantitatief omschreven: „1 G. gedurende 2 min. koken met 25 cM:!. water". Daardoor zou de gevoeligheidsgrens der reacties beter zijn vastgelegd ware het niet dat de vage uitdiukking „niet opalesceeren" bij de reacties met bariumnitraat en zilvernitraat, hier zijn behouden gebleven. Overal elders toch is nu in de nieuwe Ph. daarvoor de uitdrukking „niet van uiterlijk veranderen", welke geen twijfel overlaat, ingevoerd.

Op alkaliën is de reactie nu goed begrensd. De proef op lakmoespapier van de bekende gevoeligheid zal nog ongeveer 0,1 pCt. alkalicarbonaat aantoonen. Daarentegen wordt door de controle van slechts 5 cM \ van het Altraat op het achterlaten van een weegbare